Wie zat nu écht achter de moord op JFK?
Bodyguard Clint Hill probeert first lady Jacqueline Kennedy te beschermen terwijl de presidentiële limousine wegscheurt langs Elm Street. Haar man, John F. Kennedy, ligt inmiddels op de achterbank, na in het hoofd te zijn getroffen door een scherpschutter Foto: AP
22 november 1963, Dallas, Texas. Om 12.30 uur wordt de Amerikaanse president John F. Kennedy doodgeschoten tijdens een rit met een open limousine. De enige verdachte, Lee Harvey Oswald, wordt daags nadien zelf doodgeschoten. Maar was hij eigenlijk wel de dader? Waarom moest Kennedy dood? En in opdracht van wie?

De moord op JFK was voer voor heel wat doofpot- en complottheoretici. Zij hechten namelijk weinig geloof aan het onderzoek van de Warren Commission. Daaruit had moeten blijken dat de Amerikaanse marinier Lee Harvey Oswald de scherpschutter was die op eigen houtje de limousine van de Kennedy's op de fatale kogelregen trakteerde.

Lee Harvey Oswald wordt daags na de moord op JFK zelf doodgeschoten.

Die conclusie werd door verschillende officiële onderzoeken bevestigd, met uitzondering van het onderzoek door het United States House Select Committee on Assassinations, dat ook de moord op Martin Luther King onderzocht. Daar concludeerde men dat het 'erg waarschijnlijk' was dat twee schutters naar de president hadden gevuurd, zonder verder te specifiëren

Niet genoeg voor veel Amerikanen, die daags na de moord al begonnen te speculeren over de doofpotten en complotten die achter JFK's dood zouden kunnen zitten. Vandaag zijn al bijna 2.000 boeken over 's mans dood geschreven, en daarvan gelooft niet minder dan 95 procent dat de volledige waarheid niet gekend is.

Doofpotten, manipulatie en intimidatie

Volgens verschillende onderzoekers vallen er bij het onderzoek naar de moord opvallend veel tegenstrijdigheden, vergissingen en zelfs fouten waar te nemen. Wijzigingen in getuigenverslagen, uitsluiting van bewijs... Volgens hen suggerereert het teveel aan toevalligheden een doofpotoperatie.

Een van de meest beroemde boeken in deze materie is 'Last Word: My Indictment of the CIA in the Murder of JFK', van de Amerikaanse mensenrechtenactivist Mark Lane. Maar ook Senator Richard Schweiker en professor James H. Fetzer verdenken de Amerikaanse overheid van een doofpotoperatie, met argumenten over onder meer kogelbanen, gebruikte munitie, autopsierapporten en getuigenverslagen.

Ook in '

Jean Hill, die bekend werd als 'Lady In Red', in de 'Zapruder film' - zie verder, met naast haar Mary Moorman - zie verder.

Herhaaldelijk werden zelfs verdachte overlijdens van getuigen vermeld. Erg omvangrijk was wat dat betreft de lijst van 103 'gelegen gekomen doden', door Jim Marrs. Het overlijden van journaliste Dorothy Kilgallen, bijvoorbeeld, die volgens Vincent Bugliosi beweerde dat ze een exclusief interview met Jack Ruby - de moordenaar van Lee Harvey Oswald - had versierd. Maar ook bijvoorbeeld de dood van Joseph Milteer, een maffiabaas van wie opnames zouden bestaan waarop hij zegt dat JFK's moord 'op komst' was.

'Bewijs'

Dat zo veel Amerikanen geloven dat er verborgen waarheden zijn, is volgens critici omdat er 'onomstotelijk bewijs' is dat er geknoeid werd met het bewijsmateriaal rond 's mans dood.

Bepaalde getuigenverklaringen zouden bijvoorbeeld grofweg genegeerd geweest zijn door onderzoekers, zoals de negen getuigen die volgens Jim Marrs officieel verklaarden dat ze geweerrook zagen en buskruit roken op een grasheuvel vlakbij Kennedy, een totaal andere plaats dan vanwaar officieel geschoten zou zijn. Een onwaarschijnlijk goed getimede foto van Mary Moorman illustreert volgens sommigen deze schietrichting. Maar met de verklaringen gebeurde uiteindelijk niks.

De brokstukken van Kennedy's schedel, te zien op de foto van Mary Moorman, bewijst volgens sommigen dat er vanop de grasheuvel op de achtegrond geschoten werd.

Ander bewijsmateriaal zou ook gewoon in beslag genomen, achtergehouden of aangepast geweest zijn. Heel wat foto- en videocamera's van omstaanders werden na de aanslag in beslag genomen, en vaak was uiteindelijk niet duidelijk wat ermee gebeurd was. Zo werd getuige Beverly Oliver vlak na de aanslag aangesproken door twee mannen die van de FBI beweerden te zijn. Ze wouden haar fotorolletje ontwikkelen en zouden het dan terugbezorgen. Nooit hoorde ze er nog iets van.

Maar even vaak hoor je dat er bewijsmateriaal bewerkt of verzonnen werd. Zelfs voor die tijd zouden er ongewoon veel onduidelijkheden te zien zijn op de 'Zapruder Film', de wereldbekende beelden van het moment waarop JFK vermoord werd. Volgens schrijver David Lifton en onderzoeker/fotograaf Jack White waren die beelden de nacht na de moord namelijk in het bezit van de CIA, en werd daar gezorgd voor 'onnatuurlijke schokkerige beweging of verandering van de focus'.

Eveneens bizar is volgens velen dat Kennedy's lichaam eerst naar het ziekenhuis van Dallas werd gebracht, maar dat de autopsie pas na transport naar het Bethasda-ziekenhuis gebeurde.

Maar ook het moordwapen staat volgens verschillende complottheoretici ter discussie. Meteen na de moord werd door verschillende politiediensten verklaard dat er een '7.65 Mauser' gevonden was op de plek vanwaar Lee Harvey Oswald geschoten zou hebben: de Texas School Book Depository. Toen de FBI echter bekendmaakte dat Kennedy getroffen was door kogels van een '6.5 Mannlicher-Carcano', bleek plots ook het verslag van de politie van Dallas in die zin te zijn veranderd. Bovendien was uit diverse verklaringen gebleken dat Oswald nooit een Mauser in het bezit had gehad, maar wel een Mannlicher-Carcano. 

Meerdere schutters

Officieel werden in een tijdsspanne van 4,8 tot 7 seconden drie schoten gevuurd vanuit de Book Depository. Auteur Anthony Summers is een van de mensen die die bevindingen in vraag stelt. Bij deze theoretici luidt het dat het onmogelijk is dat Oswald op zo'n korte tijd zo snel zo nauwkeurig kon schieten, en die theorie werd gevoed door uitspraken van de Texaanse gouverneur John Connolly, die eveneens in de limousine zat en door een van de kogels gewond raakte: 'Ik dacht meteen dat dit het werk van meerdere schutters was, of van iemand met een automatisch vuurwapen' - een verklaring die hij later introk en probeerde te kaderen.

Er zijn in de eerste plaats veel getuigen die het over 'vier of meer' schoten hebben, ondanks het volgens de Warren Commission 'overvloedige bewijs' voor slechts drie schoten. Daarnaast bleek lang na de feiten dat een van de meer kritische, doch stilgezwegen onderzoekers van de commissie het had over 'minstens twaalf plaatsen' vanwaar er geschoten had kúnnen zijn. Auteur Josiah Thompson concludeerde nadien dat er vanuit niet minder dan drie locaties effectief ook was gevuurd.

Deze geruchten werden gevoed door talloze ooggetuigen, bewijsmateriaal en zelfs de 'Zapruder film'. Zo verklaarden verschillende agenten van de politie van Dallas dat ze vanuit twee verschillende plekken hadden horen vuren. Ook de wondes van Kennedy en Connelly konden volgens velen niet vanuit dezelfde hoek zijn toegebracht. Na een haarfijne analyse van de beelden van Kennedy's 'headshot' concludeerden auteur Robert Groden en patholoog Cyril Wrecht dat de lichaamsbewegingen van de president - eerst vooruit, dan achteruit - bewijzen dat het om een 'double hit' gaat.

Ten slotte bleek uit een onderzoek van het militaire verleden van Oswald dat hij bij schietproeven slechts 'net boven het minimum' haalde. Was het dan wel mogelijk dat hij op zo'n korte termijn, met de onmiskenbare stress, zo accuraat had kunnen schieten? Bovendien bleken slechts een handvol van de vele tests met 's mans wapen even accuraat het doel te treffen.

Moordcomplot

Los van bewijsmateriaal of getuigenverslagen gelooft tot op vandaag tot 32 procent van de Amerikanen dat er een welbedacht, ingenieus complot achter JFK's moord zit. Van de rijke industriëlen, bijvoorbeeld, met de New Orleanse Clay Shaw als opdrachtgever voorop. Shaw was goed bevriend met piloot David Ferry, die dan weer vrienden was met Lee Harvey Oswald. Uiteindelijk was Clay de enige die ooit ook effectief moest voorkomen in een officieel complotproces over de moord, maar hij werd na nog geen uur vrijgesproken door de jury.

Legermaatjes David Ferry (2de links) en Lee Harvey Oswald (helemaal rechts).

Iets groter wordt het gezien door zij die geloven dat de Amerikaanse geheime dienst CIA achter de moord zat.  De door Kennedy ontslagen directeur Allen Dulles en onderdirecteur Charles Cabell zouden in samenwerking met de burgemeester van Dallas de fatale route van de limousine mogelijk gemaakt hebben. Uit wrok voor de 'misinterpretatie' van Kennedy van de 'mislukte' invasie in de Cubaanse Varkensbaai - reden voor de ontslagen - of uit kwaadheid voor de plannen van Kennedy om alle militairen uit Vietnam terug te trekken. Na Kennedy's dood werd die aanwezigheid door zijn opvolger immers fors opgeschroefd.

Kennedy's opvolger, Lyndon B. Johnson, wordt om nog andere redenen als de man achter de moord gezien. Zo zouden hij en JFK nooit echt goed hebben kunnen opschieten met elkaar, en zou Kennedy hem zelfs als vicepresident opzij hebben willen zetten, omdat Johnson in vier schandalen opdook. De onderzoeken naar deze schandalen werden prompt stopgezet, toen de man zelf president werd. Hij zou het complot beraamd hebben met voormalig CIA-medewerker E. Howard Hunt, en uitgevoerd samen de FBI, onder leiding van J. Edgar Hoover, tevens rivaal van Kennedy, en ook bang voor zijn postje, omdat hij het dan weer niet met Kennedy's broer Robert - minister van Justitie - kon vinden. Hoover leidde bovendien het onderzoek naar JFK's moord, en werd kort nadien voor het leven benoemd tot directeur van de organisatie. Volgens velen hangt hier een geurtje aan: maar liefst 20 procent van de Amerikanen gelooft dat Johnson iets met de dood van JFK te maken heeft.

Verenigd in hun afkeer tegenover John F. Kennedy: Edgar Hoover (links) en Lyndon B. Johnson (rechts).

Of misschien was het wel de banken- en zakenwereld, de zogenaamde 'illuminati', in samenwerking met de vrijmetselarij? Volgens diverse complottheoretici worden deze rijken en machtigen gedreven door een streven naar een nieuwe wereldorde, waarin de politieke en financiële macht in hun handen is. Kennedy wilde hun macht breken, en moest dus uit de weg. Zij zouden bovendien op de steun hebben kunnen rekenen van de invloedrijke Griekse miljardair Aristoteles Onassis, die bovendien in 1968 met Jacqueline Bouvier Kennedy - JFK's weduwe - trouwde.

Ook Texaanse oliemaatschappijen worden genoemd. Voor zijn dood had Kennedy immers een immens belastingsplan klaar om heel wat oliedollars binnen te halen om de arme bevolking in Amerika en diverse derdewereldlanden te kunnen steunen. Volgens onder meer George Bush Senior was dat 'onacceptabel'.

Volgens anderen was het dan weer de Amerikaanse onderwereld die achter de moord zat. Kennedy zei altijd de maffia hard te willen aanpakken, maar de organisatie had veel macht, ook binnen de politiek, en zou Kennedy een koekje van eigen deeg gegeven hebben.

Bovendien waren er binnen de maffia veel banden met het communisme en Cuba's Fidel Castro, traditioneel aartsvijanden van Amerika en zeker van de Kennedy's. Op Castro was al een paar keer een weinig succesvolle aanslag gepleegd, en daar werd dan weer Amerika van verdacht. Castro zou bijgevolg een vergeldingsopdracht gegeven hebben.

Die andere communistische wereldspeler, de Sovjet-Unie, zou ook de moord op haar geweten kunnen hebben. Het Comité voor Staatsveiligheid (KGB) zou volgens sommigen, in opdracht van partijleider Nikita Chroesjtsjov, de moord hebben gepleegd, omdat hij bang was dat Amerika een atoomoorlog zou beginnen.

Nikita Chroesjtsjov (twee maal rechts): goede vriend van zowel JFK als Fidel Castro?

Ook Israël wordt door sommigen genoemd, en meer bepaald de inlichtingendienst Mossad. Kennedy zou zich namelijk ooit hebben laten ontvallen dat de 'Joden zich als nazi's gedroegen', toen hij zich niet akkoord verklaarde met de bouw van een chemische wapenfabriek in het land. Het volk was diep verontwaardigd.

En ook in Vietnam was men niet echt opgezet met JFK. De moord op de man zou een wraakactie voor de dood van president Ngo Dinh Diem van Zuid-Vietnam kunnen zijn, die al voor zijn eigen dood uitgesproken wensen had om de Amerikaan om te leggen.

De Amerikaanse overheid zou volgens de meeste doofpot- en complottheoretici beseft hebben dat het de ware toedracht van JFK's moord nooit kon bewijzen. Alle bewijzen die niét wezen op 'het handelen van een lone nut' moesten dus zo hard mogelijk bestreden worden, en Lee Harvey Oswald ging de geschiedenis in als de moordenaar van de 35ste president van de Verenigde Staten. 

---

In aanloop naar de 50ste verjaardag van de dodelijke aanslag op John F. Kennedy op vrijdag 22 november brengt De Standaard Online elke dag een item over de voormalige Amerikaanse president. U kan de stukken nalezen op www.standaard.be/JFK.