Het tweedekansonderwijs, waar studenten via lessenpakketten een eigen traject uitstippelen om toch een diploma secundair onderwijs te behalen, boomt. Terwijl er zich in het schooljaar 2008-2009 nog 2.609 jongeren tot 25 jaar inschreven, is dat vijf jaar later toegenomen tot 5.501. Een stijging van meer dan 110 procent. Dat blijkt uit cijfers van het departement Onderwijs, die De Morgen kon inkijken.

Goed nieuws, klinkt het bij de administratie van onderwijsminister Pascal Smet (SP.A), want meer jongeren in het tweedekansonderwijs betekent dat er minder zonder diploma op de arbeidsmarkt terechtkomen.

Maar die visie is volgens Oscar Heirbrant, adjunct-directeur van het Gentse Centrum voor Volwassenenonderwijs Leerdorp, te rooskleurig. ‘Als we er in september 430 inschrijven, blijven er in januari nog maar 200 over.’ Heirbrant ziet hoe het tweedekansonderwijs verandert. De gemiddelde leeftijd is van 32 jaar gedaald tot 21 jaar. Veel van de jongeren die kiezen voor het tweedekansonderwijs behaalden op hun school een C-attest.

Zittenblijven was niet wat zij wilden, zegt Patricia Tomme, adjunct-directeur bij CVO Vivo in Kortrijk. ‘Zij zetten het secundair buitenspel en kloppen bij ons aan. Dat is eigenlijk jammer, want wij zijn het volwassenenonderwijs. Het is niet onze taak om schoolmoeheid te bestrijden.’ Het alternatieve circuit dat jongeren zo kiezen, zorgt ervoor dat het tweedekansonderwijs niet meer wordt gebruikt waarvoor het oorspronkelijk is bedoeld.