Sportieve jongeren drinken dubbel zoveel alcohol als leeftijdsgenoten
Foto: Dolph Cantrijn/hh

Jongeren die aan sport doen, drinken dubbel zoveel als hun leeftijdsgenoten die niet in een sportclub zitten. Vooral groepsdruk en het voorbeeld van de ouders aan de zijlijn liggen aan de basis. Dat besluiten Het Nieuwsblad en De Standaard uit cijfers van kindergastro-enteroloog Thierry Devreker (UZ Brussel).

De resultaten komen uit een eindwerk dat focust op alcoholgebruik bij jongeren tussen twaalf en achttien. Wie in een sportclub zit, drinkt volgens de cijfers dubbel zoveel als leeftijdsgenoten. Bij achttienjarige jongens kan dat oplopen tot 28 glazen per week. Vanaf achttien blijken competitieve sporters minder te gaan drinken, omdat ze zich serieus met hun sport gaan bezighouden. Meisjes drinken minder, maar ook bij hen is het effect van de sportclub te merken.

De resultaten liggen in lijn met andere onderzoeken in Nederland, Frankrijk, Brazilië en Australië. Devreker ziet verschillende oorzaken: wegvluchten van individuele druk zoals opmerkingen van de coach of faalangst, maar ook groepsdruk en het voorbeeld van ouders aan de zijlijn. Bovendien is alcohol nauw verbonden met sport én zijn rolmodellen, luidt het nog. Dat de Rode Duivels met hun gezicht op een blikje Jupiler staan, bewijst dat.

Devreker stelt voor het probleem tegen te gaan door geen alcohol meer te verkopen in de kantine wanneer er jongeren trainen en sporten.