‘Shorten’ op de beurs mag niet verboden worden
In Spanje was tijdelijk een verbod op shorten van kracht. Foto: AP

Europese wetgeving om shortselling te verbieden, moet nietig verklaard worden. Dit stelt de advocaat-generaal bij het Europees Hof van Justitie in Luxemburg donderdag in een advies. ‘Shorten’ maakt het mogelijk dat speculanten geld verdienen als aandelen de dieperik in gaan.

Het hof doet pas over enkele maanden uitspraak, maar neemt de adviezen doorgaans over. Een Europese verordening geeft aan de Europese toezichthouder voor de financiële markten ESMA de bevoegdheid om shorten te verbieden. Dit was onderdeel van een Europese aanpak van de financiële crisis, om te kunnen ingrijpen bij verstoringen van de markt.

Wat is shorten?
Shorten is een vorm van effectenhandel die speculeert op koersdalingen. Een belegger betaalt een andere belegger een vergoeding om tijdelijk een pakket aandelen te ‘lenen’. De shorter verkoopt die geleende aandelen tegen de huidige marktprijs. Als de prijs vervolgens zakt koopt hij ze op de beurs goedkoper terug. Die goedkoper aangekochte aandelen bezorgt hij dan terug aan de partij bij wie hij de aandelen heeft geleend. Het verschil tussen de prijs waaraan de aandelen zijn verkocht en heraangekocht steekt hij op zak.

Het Verenigd Koninkrijk vond dat het ingrijpen in de markten op de huidige verdragsbasis niet kan worden overgedragen aan een Europese toezichthouder en stapte naar de rechter.

Advocaat-generaal Niilo Jääskinen betoogt nu dat de bepaling in de verordening te ver gaat. ESMA krijgt daarmee namelijk de bevoegdheid in te grijpen tegen de wil van de nationale autoriteiten. “Het resultaat is dus niet harmonisatie maar de vervanging van nationale besluitvorming door besluitvorming op Unieniveau.” Dat gaat de grenzen van het EU-verdrag te buiten, zegt hij.

Jääskinen erkent dat er behoefte is aan maatregelen op Unieniveau ter voorkoming van verstoringen van het bankenstelsel door shortshelling, maar dat zou alleen kunnen als alle EU-lidstaten daarmee instemmen.