Een al decennia geldend akkoord met de Verenigde Staten over de observatie van telecommunicatie in Duitsland wordt volgens diplomatieke kringen opgeheven.

In de loop van de dag zal een overeenkomstige notawisseling tussen de staatssecretaris van Buitenlandse Zaken, Harald Braun, en de zaakgelastigde van de Amerikaanse ambassade in Berlijn gebeuren, luidt het.

Beide landen zijn het tijdens onderhandelingen eens geworden om het sinds 1968 geldende bestuursakkoord op te heffen. Het akkoord werd in samenhang met de invoering van de wet op de beperking van het brief-, post- en telefoongeheim (G-10-wet) gesloten.

In 1968 had de Duitse bondsregering in dergelijke akkoorden de geallieerden -VS, Frankrijk en Groot-Brittannië- onder andere de mogelijkheid gegeven afluistergegevens van de binnenlandse inlichtingendienst of de contraspionagedienst te gebruiken of in opdracht geven, als het de veiligheid van de in Duitsland gelegerde troepen vereiste.

De bondsregering had verklaard dat de akkoorden nog van kracht waren, maar in werkelijkheid geen belang meer hadden. Sinds de hereniging zijn er geen overeenkomstige verzoeken meer geweest.

Ook Groot-Brittannië wil het akkoord beëindigen.

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig