Mandela: van dissident tot Nobelprijswinnaar
Nelson Mandela in zijn cel op Robbeneiland. Foto: Photo News
Weinig figuren hebben de twintigste eeuw zo gekleurd als Nelson Mandela. Een portret van een gevaarlijke staatsvijand die uitgroeide tot internationaal symbool van verzet tegen apartheid, president en Nobelprijswinnaar.

Nelson Mandela werd 18 juli 1918 geboren als Rolihlahla - wat zoveel betekent als 'lastpost' - Mandela in Mvezo en groeide op in Qunu, in de Zuid-Afrikaanse provincie Oost-Kaap, het voormalige Transkei. 

Mandela is van koninklijke bloede en wordt daarom ook vaak aangesproken met 'Madiba', de naam in zijn stam voor de koningen van de Thembu-familie. Door zijn afkomst kreeg Mandela als eerste uit zijn familie de kans om te studeren. Zijn Engelse roepnaam 'Nelson' kreeg Mandela op school. Uiteindelijk zou Mandela advocaat worden. 

ANC: de strijd tegen apartheid

Naarmate hij opgroeide raakte de jonge Mandela steeds meer verbolgen over de segregatiepolitiek die werd gehandhaafd door een kleine blanke etnische minderheid in Zuid-Afrika. In 1944 sloot hij zich aan bij de strijd van het ANC (African National Congres) tegen het Apartheidsregime. Samen met onder andere Oliver Tambo richtte Mandela de Jeugdliga van het ANC op.

In het begin zweerde Mandela bij het geweldloze protest zoals één van zijn grote voorbeelden, Mahatma Ghandi, dat hanteerde. Gefrustreerd dat dit weinig zoden aan de dijk bracht, richtte Mandela Umkhonto we Sizwe - wat zoveel betekent als 'de speer van de natie - de gewapende tak van het ANC op. 

Toen het ANC in 1960 buiten de wet werd geplaatst voerde Umkhonto we Sizwe gewapende aanvallen uit op overheidsdoelwitten. Militaire en publieke installaties werden het voorwerp van sabotageacties. Het doel was het ontketenen van een revolutie die het bestaande bestel omver zou werpen en de zwarte bevolking dezelfde rechten zou verschaffen als de blanke. 

Gevangenschap

Door zijn acties groeide Mandela al snel uit tot staatsvijand nummer 1. In 1961 moest hij voor de rechter verschijnen wegens 'hoogverraad'. Hij werd echter vrijgesproken en dook onder. 

In 1963 werd Mandela in de boeien geslagen wegens geweld  tegen het apartheidsregime. In 1964 werd Mandela samen met enkele andere ANC-kopstukken op het beruchte Rivonia-proces veroordeeld tot levenslange opsluiting. 

Tussen 1964 en 1982 leefde Mandela in gevangenschap op Robbeneiland. Door de gebrekkige hygiëne en de slechte omstandigheden waarin de politieke gevangenen moesten leven en werken, liep Mandela een tbc-besmetting op. Zijn verdere leven zou hij problemen hebben met de luchtwegen.

Symbool van de strijd tegen apartheid

Op het internationale toneel zwol intussen de discussie over het apartheidsregime aan en de figuur van Nelson Mandela groeide uit tot symbool van verzet tegen segregatiepolitiek. Tijdens zijn gevangenschap verdiepte Mandela zich in de cultuur en de taal van de blanke dominante minderheid.

Die toenadering zou een belangrijke rol gaan spelen in de verzoeningspolitiek tussen blanken en zwarten later. Mandela was immers van mening dat Zuid-Afrika evengoed toebehoorde aan de blanke minderheid als aan de zwarte meerderheid. Daarmee verschilde hij grondig van zijn ANC-collega's die de blanke overheerser beschouwden als een Europees gewortelde kolonisator.

Tussen 1976 en 1990 vonden er verschillende geheime ontmoetingen plaats tussen regeringsdelegaties en Nelson Mandela. De blanke minderheid leefde steeds meer in angst en vreesde dat een machtsgreep door de zwarte meerderheid zou uitdraaien op een genocide. Gaandeweg verbeterde ook het gevangenisregime van het ANC-kopstuk.

Voorstellen van de regering om alle politieke gevangenen vrij te laten en het ANC te legaliseren op voorwaarde dat het geweld werd afgezworen, werden door Mandela steevast geweigerd. Het ANC zou enkel stoppen met de gewapende strijd, als de overheid zou stoppen met de gewelddadige repressie van de zwarte bevolking.

President

Mandela werd vrijgelaten op 11 februari 1990 en werd in 1991 met een overweldigende meerderheid verkozen tot ANC-voorzitter. Met de regering voerde hij onderhandelingen over de toekomst van een nieuw Zuid-Afrika, niet gebaseerd op raciale verschillen.

Het resultaat waren revolutionaire hervormingen, en vrije verkiezingen. Daarvoor kreeg hij in 1993 de Nobelprijs voor de Vrede.

In 1994 werd Mandela president en met aartsbisschop Desmond Tutu slaagde hij er in om een sfeer van verzoening te creeëren tussen de verschillende bevolkingsgroepen in Zuid-Afrika met de zogenaamde 'Waarheids- en Verzoeningscommissie'. In 1999 werd Mandela opgevolgd als president door Thabo Mbeki.

Pensioen

Na zijn aftreden bleef Mandela actief in een eerder symbolische rol. Zo zette hij zich in voor de AIDS-problematiek die Zuid-Afrika in haar greep hield, een probleem dat hij als president veel te lang ontkend had. Er werden grote acties op touw gezet onder de vlag 46664, het gevangenisnummer van Mandela op Robbeneiland.

Mandela schrok er ook niet voor om kritiek te leveren op grootmachten op het internationale toneel. Zo veroordeelde hij scherp een militair ingrijpen in Kosovo en kantte hij zich fel tegen de Amerikaans-Britse inval in Irak.