Kim De Gelder enige student die ooit ongeschikt werd verklaard voor beroep van verpleger
Kim De Gelder toonde tijdens zijn stage in de opleiding verpleegkunde weinig empathie, zo heeft zijn toenmalige stagebegeleidster donderdag getuigd voor het Gentse hof van assisen. 'Hij had een heel rationele en technische kijk op verpleegkunde en toonde weinig betrokkenheid. Het was de enige student die ze moest ongeschikt verklaren voor de job', verklaarde de vrouw.

De vrouw was de jaarverantwoordelijke toen De Gelder in het schooljaar 2006-2007 een opleiding verpleegkunde startte. Ze begeleidde hem tijdens zijn stage en gaf ook theorie- en praktijklessen. 'Hij viel op door zijn teruggetrokkenheid', zei ze over de beschuldigde. 'We vonden hem de vreemde eend in de bijt, maar hij werd niet uitgesloten.'

Het was de stagebegeleidster opgevallen dat De Gelder 'precies iets meedroeg'. Zijn houding was steeds licht voorover gebogen en zijn hoofd richtte hij naar beneden. Toen de vrouw hem destijds vroeg of hij problemen had, zei De Gelder dat hij slaapproblemen had. Ze herinnert hem als een beleefde jongen.

Omdat ze tijdens de lessen merkte dat De Gelder meer aandacht nodig had, is de stagebegeleidster twee keer met hem meegegaan om patiënten te verzorgen tijdens zijn stage. 'Hij had het heel moeilijk met basiscommunicatie. Normaal contact of praten met de patiënt was heel moeilijk', zei ze daarover.

De vrouw reageerde naar eigen zeggen heel verwonderd toen ze vernam wat De Gelder had aangericht in het Dendermondse kinderdagverblijf Fabeltjesland. 'Het was iemand die mij heel frêle leek. Ik zag in die jongen toen absoluut geen kwaad. Het spreekwoord ‘stille waters hebben diepe gronden’ kwam naar boven.'

'Enige student die ik ongeschikt moest verklaren voor beroep'

'Het was duidelijk dat hij meer geïnteresseerd was in de technische kant dan in het verzorgen van de patiënten. Met mensen omgaan ging moeilijker. Hij had geen medeleven, geen empathie. Hoe ziek iemand ook was, dat deed hem eigenlijk niets', verklaarde de stagementor.

De vrouw schreef 'de mens laat hem koud' in haar tussentijdse evaluatie. 'Na twee weken heb ik hem gezegd dat hij meer medeleven kon tonen naar de patiënt, maar hij was er onverschillig tegen. Hij was de eerste en enige student die ik ongeschikt moest verklaren voor het beroep. Toen we hem dat vertelden, deed hem dat niets. Wij vonden het erger dan dat hij het vond.'