Er zijn veel grotere bewegingen binnen de werkzoekendenpopulatie dan de maandelijkse werklozencijfers doen vermoeden. Dat blijkt dinsdag uit een studie van de VDAB. Gemiddeld gesproken wijzigt elke maand een kwart van de populatie werkzoekende jongeren.

Er waren in december 2.806 werkzoekenden meer dan een maand eerder. Maar in die maand kwamen er in de werkzoekendenpopulatie wel 28.125 mensen bij, terwijl er 25.319 verdwenen.

De dynamiek verschilt wel sterk tussen subgroepen. Vooral jongeren (tot 25 jaar) en kortdurig werkzoekenden (minder dan 1 jaar) hebben de sterkste dynamiek. Ouderen en langdurig werkzoekenden kennen de zwakste dynamiek.

Niet alle uitstroom gaat richting werk. Bij jongeren is het aandeel uitstroom naar een job 72 procent, bij andere leeftijdsgroepen ligt dat een stuk lager. Bij laaggeschoolden is het aandeel uitstroom naar werk 60 procent, terwijl dat bij middengeschoolden 68 procent is en bij hooggeschoolden zelfs 77 procent. Nog anderen verdwijnen uit de werkloosheid omdat ze bijvoorbeeld ziek worden, opnieuw een opleiding volgen of met pensioen gaan.