Ik leef verder
Foto: vrt
De 18-jarige Laetitia, die mucoviscidose heeft en al een jaar op donorlongen wacht, gaf de eerste aflevering van Ik leef verder een mooie start. Emotioneel, én waardig. Je zag haar huilen en lachen binnen dezelfde minuut.

 'Ik zal misschien geen tachtig worden, maar het is beter om goed te leven, dan alleen maar lang', zei ze. Maar om goed te leven, heeft ze dringend nieuwe longen nodig. Als ze die niet krijgt, zal ze zelfs niet vreselijk lang meer leven.

In België staan er 1.200 mensen op de wachtlijst voor een donororgaan. Elke week sterven er twee mensen omdat ze niet tijdig geholpen worden. Eén donor kan tot negen mensenlevens redden. Het blijkt voor nabestaanden een troost, de enige nog.

Het verlies van zijn zoon Benjamin is voor Walter 'een gat dat blijft'. Maar toen de jongen in coma lag, heeft Walter ja gezegd op de vraag om zijn organen te doneren. 'Het grootste probleem is dat je eerst moet aanvaarden dat hij er niet meer zal zijn. Eens je daarvan overtuigd bent, is er geen andere mogelijkheid meer. Dan moéten die organen gebruikt worden.'

Tussen nabestaanden van donoren en zij die ontvangen staat een wettelijke muur: ze mogen geen contact hebben met elkaar. Het mooie van dit nieuwe programma is dat het beide kanten toch samenbrengt. Het doet dat niet letterlijk. Maar de verhalen van zij die geven worden mooi verweven met de getuigenissen van zij die wachten en ontvangen.

Er zijn er ook al een paar die ontvangen hebben, en tonen hoe goed het daardoor met hen gaat. Ze hebben allemaal één ding gemeen: ze kiezen voor het leven. 'De grootste bedanking die ik kan geven is te zorgen dat dit hart in leven blijft en dat het goed blijft draaien', zegt Michiel, die dank zij een donorhart een nieuwe toekomst kreeg. Het is meeleef-tv die snel van standpunt wisselt, en daardoor nooit gaat vervelen. Spannend, en het maakt ons benieuwd naar het vervolg.

 

Ik leef verder, donderdagavond op Eén