Reclame voor Vier?
Foto: Jimmy Kets

Lezers zijn beducht voor de feitelijke link tussen onderdelen van een mediabedrijf en de manier waarop er dan over bericht wordt. Maar Tom Naegels ziet geen reden voor grote bezorgdheid: de krant loopt niet aan het handje.

Was de manier waarop De Standaard heeft bericht over de lancering van Vier, een vorm van reclame voor een zakenpartner? Maakten we met name een ‘crossmediale ondersteuning van de eigen nieuwsmerken’ mee, zo dat op de website van Corelio staat beschreven? Het moederbedrijf van deze krant bezit immers (naast Sanoma en Woestijnvis) een derde van de aandelen in mediaholding De Vijver Media – en die is eigenaar van de nieuwe zender.

‘Ik kan me niet van de indruk ontdoen dat De Standaard niet met de nodige afstand aan verslaggeving doet rond de nieuwe programmering van Vier’, schrijft een lezer, die onder meer verwijst naar het stuk ‘Eén-topper blijft overeind op Vier’ (19 september) , waarin op basis van de hoge kijkcijfers voor de quiz op de startavond – ‘een aardverschuivingetje’ – vier lessen worden getrokken, waaronder ‘De Slimste Mens staat een huis’ en ‘de kijker is niet meer trouw aan een zender.’ Op de tweede dag was het aantal kijkers bijna gehalveerd. De kijkers bleken trouwer dan gedacht.

Ook de voorpagina van 17 september, de dag waarop Vier startte, deed wenkbrauwen fronsen. De krant maakte de bovenste helft vrij voor een reeks foto’s van schermgezichten, bij de kop: ‘D-day voor Vier’. Een lezer merkte daarbij op dat hij het van sommige bladen al gewend was dat ze promotie voerden voor één zender, maar wilde De Standaard zijn geloofwaardigheid behouden, dan mocht hij die weg niet opgaan. Ook in een analyse in De Morgen werd de voorpagina aangehaald: ‘De nieuwe realiteit (van een derde, cross-mediaal opererende medespeler naast De Persgroep en de VRT, red.) uitte zich onder meer al in het uitvoerig adverteren voor Vier in de kranten en weekbladen van de groep. Daarnaast pakte Humo uit met veel stukken over de nieuwe zender en er was een opmerkelijke frontpagina van De Standaard waarop alle belangrijke Vier-gezichten te zien waren onder de noemer “D-Day voor Vier”’. (18 september)

Is er hier sprake van sturing, belangenvermenging, onderhuidse reclame of bias? Om dat te kunnen vaststellen, heb ik de berichtgeving van De Standaard over de zender vergeleken met die van De Morgen , een krant van de concurrerende De Persgroep, die de tv-zenders van de VMMa (VTM, 2BE, JIM, VTM KZoom) in portefeuille heeft. Omdat het om kranten met een vergelijkbaar lezerspubliek gaat, is de kans groot dat, áls er een verschil is, dat kan worden toegeschreven aan de verschillende commerciële omgevingen waarbinnen de journalisten werken.

Ik heb de productie (recensies uitgezonderd) van de afgelopen drie maanden bekeken, met als zoektermen ‘Vier’ en ‘Woestijnvis’ gecombineerd (‘vier’ alleen levert te veel irrelevante hits op). Het resultaat was gelijklopend: 28 stukken over, of naar aanleiding van de komst van Vier in De Morgen , tegenover 29 in De Standaard . Bij De Morgen ging het om 23 grote stukken en 5 eerder kleine, bij De Standaard was dat 20 tegen 9. Ook de verhouding tussen stukken met een eerder positieve toon en stukken die eerder kritisch tot negatief waren, was gelijk: meer positieve dan negatieve, maar een meerderheid ‘neutrale’. De Standaard had Vier inderdaad op 17 september op de voorpagina gezet. Maar op 18 september plaatste ook De Morgen de lancering van de zender prominent bovenaan op de voorpagina. Mét foto’s van de schermgezichten.

Ik heb ook de recensies bekeken die sinds de start van het tv-seizoen in De Standaard zijn verschenen. Dat zijn er 20. Zes keer werden er vier sterren uitgedeeld: drie keer voor Vier, twee keer voor VTM en één keer voor OP12. Vijf programma’s kregen er drie: vier van VTM en één van Vier. En negen programma’s werden bedeeld met een matige tot vernietigende twee- en één-sterrenrecensie: twee van VTM, drie van Eén, twee van Vier en twee van Vijf.

Ik begrijp goed dat lezers op hun hoede zijn. De ‘crossmediale ondersteuning van de eigen nieuwsmerken’ hoort beperkt te blijven tot advertenties en sponsordeals. De mediaredactie zegt me dat de contacten met Vier eerder afstandelijk zijn, en dat de zender de krant even hard probeert te ‘regisseren’ als andere kranten, en niet minder of meer dan grote platenlabels of politieke partijen dat proberen. Ik heb geen reden om aan hun woord te twijfelen, maar het valt natuurlijk ook moeilijk te bewijzen. Daarom is wat voor mij telt de zichtbare output. En daar kan volgens mij niet worden uit afgeleid dat er een voorkeur zou bestaan voor een specifieke zender.

Blijft die halve voorpagina met Vier-gezichten, zonder dat er nieuws was – het heeft inderdaad iets van een advertentie. ‘Het was beter geweest als we die dag met echt nieuws over Vier hadden kunnen openen’, zegt Valerie Droeven, redacteur Media. ‘Maar er was al zoveel over geschreven, dat dat er niet was. Niettemin: het ging om de grootste omwenteling in het Vlaamse tv-landschap sinds de komst van VTM. Die dag zou de test volgen. Dus wilden we er toch iets mee doen op de voorpagina.’

Iets minder was voor mij ook oké geweest, maar goed.

En die voorbarig jubelende analyse over De Slimste Mens ? Die was, wel, voorbarig. Voorzichtiger was beter geweest. Wel werd ze dezelfde dag online al gecounterd met ‘De Slimste Mens verliest 400.000 kijkers.’ Op 20 september lees ik: ‘Vier verliest terrein.’ En een dag later: ‘Vooravond Vier zakt verder in.’ Misschien is er gewoon wat te véél over geschreven.