Gammastraling Fukushima grootste zorg
De baas van het Atoomagentschap, Yukiya Amano. Foto: AP
Gammastraling afkomstig van het puin van de kerncentrale Fukushima Daiichi is op dit moment meer reden tot zorg dan het radioactieve cesium dat nog steeds vrijkomt. Dat hebben Japanse regeringsfunctionarissen gezegd in een rapportage aan het Internationaal Atoomenergie Agentschap.

Uit het rapport blijkt dat de radioactiviteit van het cesium, dat nog steeds in de atmosfeer terechtkomt, ongeveer 0,01 becquerel per uur bedraagt. Dat is onder de grens die als schadelijk voor de gezondheid wordt beschouwd. De grootste uitdaging ligt volgens Japan in het verlagen van de hoge doses gammastraling die uit het puin vrijkomen.

De baas van het Atoomagentschap Yukiya Amano heeft afgevaardigden opgedragen met 'de grootste urgentie' te blijven werken aan de nucleaire veiligheid.

De Fukushima-kerncentrale werd vorig jaar getroffen door een aardbeving en een tsunami met een kernramp tot gevolg.

Wat is gammastraling?

Radioactieve stoffen zenden straling uit. Geen onschuldige straling, zoals warmtestraling of ultraviolette straling, maar zeer krachtige, energierijke straling, die cellen en weefsels beschadigt of kanker kan veroorzaken.

Radioactieve straling komt vrij wanneer een scheikundig element ‘vervalt', dat wil zeggen als het een deel van zijn energie afgeeft. Radioactief verval komt van nature voor (bijvoorbeeld bij radongas, of in uraniumhoudend gesteente), maar het kan ook kunstmatig worden opgewekt tijdens kernsplijtingsreacties in kerncentrales.

Er zijn drie soorten radioactiviteit: alfa-, beta- en gammastraling. Gammastraling bestaat uit elektromagnetische straling zoals X-stralen of zichtbaar licht en gaat bijna overal doorheen. Om haar te stoppen zijn loodschermen nodig of dik beton.