Prijs drinkwater op zes jaar met 64 procent gestegen
Foto: *
Tussen 2005 en 2011 is drinkwater voor Belgische huishoudens 64 procent duurder geworden. De prijsstijgingen worden toegeschreven aan toenemende zuiveringskosten. Dat blijkt uit een studie van de FOD Economie over de drinkwatersector.

Sinds 2005 ging de prijs van drinkwater voor de Belgische huishoudens fors de lucht in. In 2011 bedroeg de totale waterprijs in België 3,85 euro per kubieke meter water. Die prijs ligt 63,9 procent hoger dan in 2005, toen men nog met 2,35 euro over de brug moest komen.

De oorzaak voor de stijgende drinkwaterprijs moet gezocht worden bij de toename van de zuiverings- en saneringskosten. Die zijn met 175,4 procent toegenomen tegenover het jaar 2005. 

Deze stijgende kosten zijn dan weer het gevolg van de Europese Waterrichtlijn die aan de basis ligt van de reorganisatie van de Belgische watersector. Het doel van deze Waterrichtlijn is tegen 2015 een goede ecologische en chemische toestand in de Europese wateren te bereiken. Het waterbeleid dient hier voor de nodige prikkels te zorgen, onder meer via het principe 'de vervuiler betaalt'. 

De omzetting van de Europese richtlijnen inzake waterbeheer naar regionaal recht heeft echter forse veranderingen in de sector met zich meegebracht. Dat geldt zeker voor de tariefstructuur. De stijging van de vaste abonnementskosten en van de uitgaven voor het eigenlijke waterverbruik bleef tussen 2005 en 2011 relatief beperkt tot respectievelijk 33,4 procent en 20,9 procent.

Prijsstijginen op regionaal niveau

Op regionaal niveau betaalde de verbruiker in 2011 het minste in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (3,42 euro per kubieke meter). In Vlaanderen bedroeg de totale waterprijs per kubieke meter gemiddeld 3,83 euro. In Wallonië moest men met 4,03 euro over de brug komen. 

De gemiddelde waterprijs steeg het sterkst in Vlaanderen: plus 69,3 procent in 2011 ten opzichte van 2005. In Wallonië en Brussel was de stijging wat beperkter, met respectievelijk 59,1 en 49,1 procent. Deze prijsverschillen kunnen eveneens binnen de gewesten waargenomen worden.

Vaste kosten en consumptietarieven

Van de onderdelen van de waterfactuur bleef de stijging van de vaste kosten engigszins beperkt. Wallonië noteert met 70,5 procent de markantste stijging, maar in Vlaanderen bleef de stijging beperkt tot 11,3 procent. Brussel kende zelfs geen stijging in de vaste kosten.

Ook bij de consumptietarieven bleef de stijging in 2011 tegenover 2005 binnen de perken: in Vlaanderen 11,8 procent, Wallonië 28,5 procent en Brussel 30,4 procent.

Zuiverings- en saneringskosten spectaculair gestegen

De zuiverings- en saneringskosten gingen daarentegen spectaculair de lucht in. De stijging in deze kosten valt het meest op in Vlaanderen (187, 5 procent) en Wallonië (169,1 procent). Ook in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest namen de zuiveringskosten flink toe, namelijk met 102,1 procent. 

Drinkwater, en dan voornamelijk de zuivering ervan, is dus opvallend duurder geworden.