De Coninck: 'Begin volgend jaar 10.000 stageplaatsen voor jongeren'
Monica De Coninck, federaal minister van Werk Foto: Bart Dewaele, BDW
Zes maanden na haar benoeming als federaal minister van Werk in de regering-Di Rupo lichtte Monica De Coninck (SP.A) haar tewerkstellingplan toe in De Zevende dag.

De Coninck kondigde de krachtlijnen aan van het tewerkstellingsluik in het economische relanceplan waaraan de regering van premier Elio Di Rupo (PS) momenteel werkt. In ons land moeten de komende jaren 300.000 tot 500.000 jobs opnieuw ingevuld worden. 

Laaggeschoolde jongeren blijven een prioriteit. De Coninck wil begin volgend jaar 10.000 jongeren tijdens hun inschakelingsperiode (vroeger de wachtperiode, red.) een stageplaats aanbieden bij een bedrijf. 'De jongere kan laten zien dat hij gemotiveerd is en de werkgever kan zien of de persoon al dan niet geschikt is.’

Werkgevers worden niet verplicht om de jongeren nadien ook aan te werven. 'Wel is het de bedoeling dat er enorme loonlastkortingen komen als het bedrijf de laaggeschoolde jongere toch in dienst neemt.’

De Coninck wil de stages begin 2013 op de werkvloer introduceren, zodat ze binnen het bereik komen van degenen die zich nu begin juli inschrijven in de inschakelingsperiode.

Sancties

Daarnaast voorziet De Concink 'zware loonlastenverlagingen' voor werkgevers die oudere werknemers aan de slag houden. Om bedrijven aan te moedigen mensen met brugpensioen in dienst te nemen, zou een solidariteitsfonds opgericht worden dat ervoor moet zorgen dat de laatste werkgever niet alleen opdraait voor het brugpensioen indien de aanwerving geen succes blijkt. 

Opvallend is ook de aanpak van bedrijven die te weinig aandacht besteden aan levenslang leren op de werkvloer. ‘Machines onderhouden, dat is normaal, maar op vorming wordt niet ingezet’, zegt ze. Volgens De Coninck wordt er nagedacht over sancties voor bedrijven 'die geen vorming geven of mensen ontslaan waarvan ze niet kunt bewijzen dat ze erin geïnvesteerd hebben'.

Bij de opmaak van het nieuwe plan is volgens De Coninck gekeken naar de efficiëntie van de bestaande maatregelen voor beide doelgroepen. Een algemene loonlastenverlaging kondigde De Coninck niet aan. Daarover bestaan volgens haar 'ideeën die met de hele regering bekeken moeten worden'.

Dat zorgde meteen voor teleurgestelde reacties bij de werkgevers. Zowel Pieter Timmermans van het VBO als Jo Libeer van Voka herhaalden dat ze liever een algemene loonlastenverlaging zouden zien.

Libeer plaatste ook kritische kanttekeningen bij het fonds. 'Het eerste strijdpunt zou de afschaffing van het brugpensioen moeten zijn', klonk het. Volgens voorzitter Jan Vercamst van de liberale vakbond ACLVB is er echter al 'genoeg gemorreld en geprutst aan het brugpensioen'.