Het kan keren, maar voorlopig belooft de hemel weinig goeds. Vuile, zwavelkleurige wolken raken ei zo na de boomtoppen met hun hangbuiken vol regen of hagel. In de uitgespaarde vlekken blauw trekken vliegtuigen witte kruisen. Naarmate de hogesnelheidstrein Aix-en-Provence nadert, worden de kerktorens kleiner, de daken van de okergele huizen minder steil, de koeien slaperiger, de azuren rechthoeken in de tuinen talrijker. Helaas raken de wolken vandaag makkelijk over de grens van het departement Alpes-de-Haute-Provence. Lavendelzwaaiers, knoflookwalmen en hoog in het zwerk wakende buizerds ten spijt.

Vijgen en kaneel
Vanuit Aix-en-Provence rijd ik een eindje noordwaarts. In het westen ligt het Parc Naturel Régional du Luberon. De bergen rondom lijken de stenen trappen van een groot amfitheater waarin ik even mag optreden. Aan de rand van het dorp Monasque begon Olivier Baussan in 1976 in de bijgebouwen van een kreupel boerderijtje olie te distilleren uit rozemarijn en lavendel. Een jaar later kocht hij een oude zeepmachine en verkocht hij zijn producten op lokale markten. Vandaag telt zijn bedrijf, L'Occitane, vijfhonderd werknemers en worden zijn producten verkocht in China en New York. Er worden zalfjes en shampoos, parfums en kaarsen gemaakt van vijgen en honing, verbena en kaneel, olijven en nog zoveel meer. Inpakpapier en boodschappentasjes zijn gemaakt van appel- of zeewierpulp, op het dak liggen zonnepanelen, tussen de loodsen rijden elektrische autootjes. Ik laat me rondleiden. De opslagplaats, groot als een vliegtuighangar, ruikt alsof er met citroensap werd gedweild. Waar in grote ketels badschuim wordt geklopt, méthode mayonnaise, is de lucht dik en zwaar van zee en abrikoos, mirte en munt. In de bijbehorende winkel koop ik eau de toilette voor mannen –sterk, met veel peper. Zou het spul ook bruikbaar zijn in de keuken, op steak of in Thaise soep?

In Niozelles, een archetypisch Provençaals plaatsje, eet ik op het terras van een bistrot de pays. Het label wordt toegekend aan bistro's waar de lokale bewoners terecht kunnen voor hun krant, brood en pastis en waar toeristen streekgerechten kunnen proeven tegen een zachte prijs. Er concerteert een strijkorkest in de platanen, de wind klingelt op de lijsterbesblaadjes en een ekster slaat de maat met haar staart. De zon zakt in een niet te fotograferen roze achter de huizen.

Ik bestel een notenaperitief: gekneusde bolsters op gesuikerde witte wijn met een scheutje eau de vie. Ik vraag wat les pieds paquets de Sisteron zijn. Een stoofschotel van lamspootjes en ingewanden. Ik waag het niet en bestel een terrine van courgette met anijs, een kippenfilet met tijm, paprika in 't zuur, groene asperges en tapenade van olijven. Een kat als een uitgewrongen dweil komt vlees bedelen. Als dessert is er banon, een geitenkaas, smeuïg en duur, verpakt in eikenbladeren.

Op kabouterjacht
De volgende ochtend, in een dreigende warmte onder een witte hemel, ga ik wandelen in Les Mourres, een natuurgebied ten noorden van Forcalquier. De Haute Provence heette vroeger Basses-Alpes, maar dat had een ietwat pejoratieve bijklank. Het land snakt naar regen. De planten houden zich laag en gedeisd. Orchideeën staan stijf rechtop en zijn niet van plan om voor de droogte te kruipen. Wilde lavendel ruikt een beetje naar eucalyptus en zou ontsmettend werken. Wie wegglijdt, kan zijn schaafwonden meteen ontsmetten. Ik ruik barbecuekruiden. Op sommige jeneverbessen zitten plantaardige parasieten, net kleine bolletjes maretak. Zijn zij verantwoordelijk voor de talrijke grijze, dode struiken? Hun geurige hout is gewild, het wordt verzameld en verstookt. Kleine blauwe bloemetjes, Aphyllante de Montpellier, ogen frêle, en toch worden van hun stengels schrobborstels gemaakt. Ik vermoed hagedissen. Grint ritselt en gras beweegt, maar telkens ben ik te laat. Mogelijk zijn het Provençaalse kabouters.

De heuvel- en bergruggen golven van oost naar west, op hun kammen staat groen schuim. Bunkergrijze stukken rots lijken op bruggen en tunnels, vingers van God en de beelden op de Paaseilanden. Of werden ze hier achtergelaten door de Romeinen die nauwelijks 100 meter verder over de Via Domitia naar huis marcheerden? Hoog boven Forcalquier draaien lang gestorven boeren de regendouche open. Regen in de Provence, het is net zo vreemd als een hittegolf in Ierland of sneeuw in Mali. De vloeipapieren bodem van de plantsoenen zuigt het water gulzig op. Het land en het volk herademen. Eindelijk!

Ik neem hen hun vreugde helemaal niet kwalijk en dool onder een rode paraplu door het stadje. In een oude garage restaureert een jongeman door wormen aangevreten boeken. Op een oude pers drukt een collega litho's op handgeschept papier. In een klein atelier langs een pleintje worden met veel geduld en vakkennis hand- en reistassen, fiets- en paardenzadels gemaakt. Kalligrafen, boekbinders, pottenbakkers en instrumentenbouwers, allemaal vonden ze hier hun stek. Naast een tot bioscoop verbouwde kerk stap ik een groot en kaal café binnen. De regen heeft de vliegen, de dronkaards en de petanquespelers naar binnen gejaagd. Oude dames drinken panaché of likken aan een frisco. Mannen volgen de paardenrennen op televisie. Ze geven commentaar, juichen of vloeken alsof hun leven op het spel staat. Misschien is dat ook wel zo.

Hoe nietig de mens
's Avonds wil ik in Saint Michel l'Observatoire naar de sterren gaan kijken. In poelen rond het astronomiecentrum brullen kikkers om hun prinsessen. Geen lichtvervuiling hier. Boven is de kraan weer dichtgedraaid, maar de wolken blijven dreigen. Jammer, anders had ik de nacht, zijn vallende sterren, engelen en ruimtestations zien langsdrijven op een groot scherm. Maar geen nood, er werden gisteren beelden gemaakt en die zijn vandaag nog geldig.

In het heelal krijgen begrippen als tijd en ruimte sowieso een heel andere betekenis. Veel zonnen en planeten die hier de afgelopen jaren gefotografeerd werden, bestaan al lang niet meer. Hun gloed is lichtjaren onderweg. De man die commentaar geeft bij de beelden is onwaarschijnlijk enthousiast. Hij weet hoe oud de kraters op Mars zijn, hoe koud het is op Mercurius, hoeveel miljard kilometer het vliegen is tot de volgende zon en hoe groot zelfs de kleinste asteroïde is. En dat de atmosferische druk op Venus net zo groot is als die van de oceaan op 9.000 meter diepte. Ik raak behoorlijk onder de indruk. Eigenlijk ben ik bang van zoveel onbevattelijke eeuwig- en oneindigheid. Doodmoe van al die opgedane indrukken val ik, lang na middernacht, in slaap, filosoferend over mijn onbenulligheid.

Een boer in roze T-shirt

Je hoort het wel vaker tegenwoordig, mensen die hun stadsleven, het werken en wroeten voor een hoop overbodigheden beu zijn, die hun appartement verkopen en die ergens in het zuiden alsnog hun dromen waarmaken. Dat deden ook Véronique en Thierry Baurain. Hij was zakenman, zij turnlerares, nu boeren ze op de twintig hectare van het domein Les Truques. Net als de Romeinen destijds op deze gronden deden, verbouwen ze olijven, graan en wijn.

Thierry, boer in korte broek en roze T-shirt, leidt me langs zijn akkers en gaarden. Een paar jaar geleden heeft hij eiken aangeplant, in de hoop dat er truffels op hun wortels zullen groeien. Hoe die zwammen dan de bomen vinden, blijft mij een raadsel. Krijgen ze 's nachts pootjes? Ik loop langs kerselaars vol robijnen oorbellen, langs een olijvenbos, langs laaggebleven spelt. De hennep wordt niet gerookt, maar ingeploegd als groenbemesting. Everzwijnen, die vanuit de omliggende heuvels raids uitvoeren, kunnen behoorlijk wat schade aanrichten. Misschien moeten Véronique en Thierry Obelix te logeren vragen.

De zon breekt af en toe door en legt scherp afgelijnde lappen asfalt naast gebouwen en cipressen. Op hun velden petit épautre zijn de niet meer zo jonge, nieuwe boeren bijzonder trots. Archeologen vonden de graansoort terug in elfduizend jaar oude nederzettingen. Véronique heeft er een risotto met asperges van gemaakt. Ik proef het gerechtje, uitgesmeerd op een snee huisgebakken brood, en krijg kersen als dessert.

Neusverdovend
Vanaf de parking ziet het kasteel van Simiane La Rotonde eruit als de ruwe romp van een buitenmaatse windmolen. Het interieur verrast met mooi gerestaureerde, paleisachtige vertrekken. De geschiedenisboeken vertellen dat in de grote zaal, met zijn uitstekende akoestiek, vaak troubadours werden geïnviteerd om er hun lange, verhalende liederen te komen zingen. Nu worden er concerten oude muziek gegeven. De klanken zijn de kalkstenen vertrouwd. In 1908 kraste iemand in een zuil dat de meisjes in de omgeving gewillig zijn. Ik kom niet te weten of dat nog zo is. Op de eerste verdieping, waar vroeger de edelen sliepen, bevindt zich nu een laboratorium. Er wordt olie gewonnen uit voornamelijk lavendel. In een kamertje waar ik ingewijd word in de lavendelologie, hangt een zo neusverdovende geur dat ik na vijf minuten al naar buiten wil. Trop is te veel.

Een mevrouw die in de jaren 60 jong was komt vertellen hoe we al ruikend en snuivend kunnen genezen van stress en maagklachten, van een verkoudheid en van hoofdpijn. In de middeleeuwen dacht men dat geuren ziekten overbrachten. Van bacteriën had uiteraard niemand ooit gehoord. Nu de wetenschap dagelijks nieuwe ontdekkingen doet, geheimen ontsluiert en hocus-pocuspraktijken ontmaskert, blijft de naar mysteries hunkerende mens op zijn honger zitten. Al wat we weten ten spijt, grijpen we terug naar wat al lang achterhaald is. De nood om te geloven lijkt soms hoger dan de wens om te genezen. Dat geloof soms maakt dat wij ook effectief genezen, is mooi meegenomen.

De docente slaat een onderwijzeressentoontje aan. Als ik straks niet alle sprietjes en bloemen bij hun Latijnse naam kan noemen, word ik vast gestraft. Toch droom ik weg. Naar mijn kindertijd. Toen stond er, elk jaar weer, rond dezelfde tijd –het zal juli geweest zijn– een mannetje met een ezeltje op de Antwerpse Groenplaats. Hij droeg een blauwe kiel en bracht zakjes lavendel aan de man die mijn grootmoeder kocht en in haar linnenkast tussen de lakens legde. Het mannetje met het ezeltje moet al lang dood zijn. Zou deze dame weleens van hem gehoord hebben?

Praktisch
- Wij spoorden met de tgv in vijf uur tijd van Brussel naar Aix-en-Provence
www.tgv-europe.be
- L'Occitane: ZI St-Maurice, Manosque, +33 492-78.01.08
www.loccitane.com
- Bistrot de Pays de Niozelles, Le Village, Niozelles, + 33 492-73.10.17
www.bistro-de-niozelles.com
- Sterrenwacht, Saint Michel l'Observatoire
www.obs-bp.fr
- Laboratorium voor aromatherapie, Semiane la Rotonde, + 33 492-73.11.34
www.simiane-la-rotonde.fr
www.alpes-haute-provence.com