Saramabila is onbereikbaar; in elk geval zal ik het nooit bereiken. Ons vliegtuig steeg vanochtend op in Goma, vloog naar Saramabila en keerde toen weer om. Boven Saramabila stormde het zo heftig dat het vliegtuig niet kon landen.

Zo zit ik vast in Goma, samen met een team van Artsen Zonder Grenzen uit Viadana. Het malariaproject in Viadana is intussen afgesloten en het team zou een nieuw project openen in Wamaza, vlak naast Saramabila. Maar daar valt voorlopig dus niet te geraken. Pas binnen drie dagen kan er een nieuwe poging ondernomen worden om naar Saramabila te vliegen.

In Goma spreek ik met Ellen, een verpleegkundige van het team dat de verplaatsing van Viadana naar Wamaza probeert te maken. Het is niet de eerste keer dat ze met vliegtuigproblemen te kampen heeft.

“De bevoorrading van Viadana moest per vliegtuig gebeuren. Maar omdat dat zo langzaam verliep, dreigden we in de problemen te geraken met onze voorraad geneesmiddelen.”, zegt Ellen. De moeilijke bereikbaarheid van het gebied is wellicht één van de factoren die aan de malariacrisis liggen. Die ontoegankelijkheid belemmert de gezondheidszorg immers ernstig. Ziekenhuizen raken niet bevoorraad, en patiënten raken niet tot in de ziekenhuizen.

“Het ziekenhuis in Viadana had nauwelijks middelen. Er was zelfs geen brandstof om met een generator electriciteit op te wekken. Als er licht nodig was, werden er olielampen gebruikt. En er was zeker niet genoeg medicatie conform het malariaprotocol. Het enige antimalariamiddel dat hier altijd te vinden is, is kinine.”

Kinine kan je in Viadana gewoon in de apotheek kopen, of zelfs op de markt. Maar dat stelt een ander probleem, volgens Ellen. “Omdat de mensen arm zijn, en een doktersbezoek niet gratis is, gaan ze soms gewoon naar de markt om kinine te halen. Zo sparen ze geld uit. Maar de kwaliteit van die medicatie is niet betrouwbaar en de resistentie tegen de medicatie neemt toe. ”

De prijs van gezondheidszorg is stelt nog andere problemen. Toen het team uit Viadana vertrok, schonk het medicatie en medisch materiaal aan het ziekenhuis. “De patiënten zullen dus een tijdlang gratis geneesmiddelen kunnen krijgen.”, zegt Ellen. “We hebben gevraagd om ook de consultaties gratis te houden.” Maar of dat ook zal gebeuren, is niet zeker. Gezondheidszorg is zelden gratis in Congo.

Ellen heeft gemengde gevoelens bij het afsluiten van het project in Viadana: “Er waren geen patienten meer met ernstige malaria, dus het was logisch dat we het malariaproject sloten. Zo gaat dat nu eenmaal met noodhulp. Het project heeft ook goed gewerkt: we hebben veel mensen geholpen en de toestand is bijna genormaliseerd, hoewel dit nog steeds dramatisch blijft. Maar in het algemeen blijft de medische nood hoog in Congo. De bevolking vraagt hulp, vraagt waarom we vertrekken, vraagt wat er gebeurt als de malaria in alle hevigheid terugkomt... Maar dat is helaas overal zo in Congo. Je zou in Congo overal een medisch project kunnen starten. Maar jammer genoeg kan Artsen Zonder Grenzen niet op elke vraag ingaan.”

“Soms voel je je hier zo machteloos als verpleegkundige. In België zou ik op een knop duwen, en dan komt er een heel reanimatieteam aangelopen om een patiënt te redden. Maar dat bestaat hier allemaal niet. Het ziekenhuis in Viadana heeft niet eens een zuurstofapparaat. Hier moet je roeien met de riemen die je hebt. Je moet je optrekken aan elke patiënt die je kan redden, en het hoofd niet laten hangen als het niet lukt. Maar dat is niet gemakkelijk, zeker niet als het kinderen zijn die sterven – en die in het ziekenhuis in België waar ik werk zeker gered zouden worden.”