Noorse geheime dienst: 'Aanslag Breivik was niet te voorkomen'
Anders Behring Breivik bij de hoorzitting in februari Foto: EPA
De Noorse geheime dienst had geen concrete aanwijzingen voor de plannen van Anders Behring Breivik, die in juli vorig jaar 77 mensen doodde. Dat hij in Polen chemicaliën voor springstoffen had gekocht, was bekend, maar de hoeveelheid was te gering voor een routinematige opvolging.

Dat deelde de inlichtingendienst PST vrijdag in Oslo mee, een maand voor het begin van het proces.

Donderdag had de Noorse commissaris-generaal fouten bij het politieoptreden tegen Breivik toegegeven en zich publiekelijk verontschuldigd. Volgens intern onderzoek had de politie 'theoretisch' 16 minuten vroeger het eiland Utoya kunnen bereiken, als er onmiddellijk een boot ter beschikking was geweest. Er waren ook communicatieproblemen.

Op 22 juli werden in totaal 77 mensen gedood, toen Breivik in de regeringswijk in Oslo eerst een zware bom liet ontploffen en daarna 69 deelnemers aan een vakantiekamp op Utoya doodschoot.

Breivik moet zich vanaf 16 april wegens terrorisme en moord met voorbedachte rade voor de rechtbank verantwoorden. Hij had zich tijdens de hoorzittingen in februari onschuldig verklaard en gezegd uit zelfverdediging te hebben gehandeld. Hij wilde de regering voor haar immigratiepolitiek straffen.