Veertien Softenon-slachtoffers tekenen beroep aan
De Softenon-slachtoffers laten het niet bij de uitspraak, ze gaan in beroep Foto: Photo News
Veertien Belgische Softenon-slachtoffers hebben beroep aangetekend tegen de beslissing in eerste aanleg om hun zaak tegen de Belgische staat onontvankelijk te verklaren wegens verjaring. Dat meldt La Dernière Heure vrijdag. Ze eisen een voorlopige schadevergoeding van elk een miljoen euro. Zeven andere slachtoffers zien af van beroep.

 De veertien die in beroep gaan stelden vast dat het vonnis in eerste aanleg niet getekend is en zijn verontwaardigd dat de pers voor hen op de hoogte gesteld werd. Ze verwijten de rechter bovendien dat hij geen rekening gehouden heeft met bepaalde elementen uit het dossier. De rechtbank verklaardede zaak in november 2011 verjaard. Ze baseerde zich voor de verjaring op het moment dat het jongste slachtoffer meerderjarig werd.

De advocaten van de zogenaamde Softenon-kinderen, personen die met een misvorming ter wereld kwamen omdat hun moeder het geneesmiddel tijdens de zwangerschap innam, vroegen voor de rechtbank van eerste aanleg in Brussel om de verantwoordelijkheid van de Belgische staat te erkennen. De slachtoffers verwijten de staat dat het medicijn te laat verboden werd, dat ze nooit excuses kregen en dat ze onvoldoende hulp krijgen.

Softenon werd in 1958 gecommercialiseerd in België. Twee jaar later doken de eerste bezwaren van buitenlandse wetenschappers op. Artsen legden een link tussen de inname van het medicijn tijdens de zwangerschap en misvormingen bij de baby. In juni 1962 nam de Belgische regering een voorlopige maatregel, maar de apothekers mochten hun voorraden nog verkopen. Pas in december 1969 werd Softenon volledig verboden.