Hoogmoed en hebzucht bij Goldman Sachs
Foto: afp
Greg Smith, tot gisteren verantwoordelijk voor de Europese divisie afgeleide producten van de Amerikaanse zakenbank Goldman Sachs, heeft met een ingezonden brief in de New York Times een vernietigende analyse gemaakt van de werkwijze van zijn voormalige werkgever.

‘De omgeving waarin ik werkte is nog nooit zo giftig en destructief geweest als nu’, schrijft Smith in zijn brief, die massale reacties uitlokte op twitter en op de site van de New York Times.

Smith heeft zelf ontslag genomen omdat hij niet langer kan aanzien hoe de bank te werk gaat. De cultuur van klantvriendelijkheid is volledig verdwenen ten nadele van pure hebzucht en gegraai, betoogt hij. ‘Ik kan me niet langer identificeren met waar Goldman Sachs voor staat’, aldus Smith.

Dat is ooit anders geweest. In de bijna twaalf jaar dat Smith voor de bank werkte, heeft hij de cultuur langzaam maar zeker zien veranderen. Toen hij bij de bank begon, was hij trots op de cultuur van ‘samenwerking, integriteit, nederigheid en klantvriendelijkheid’.

Die cultuur was er de reden van dat de klanten de bank 143 jaar lang vertrouwden. ‘Het had te maken met trots en geloof in de organisatie. Vandaag zie ik geen spoor meer van die cultuur, die me jarenlang met veel plezier voor dit bedrijf heeft doen werken’.

Smith beticht de huidige ceo, Lloyd Blankfein, ervan om de bedrijfscultuur te verwaarlozen. Dat kan op termijn het overleven van de bank in gevaar brengen, oordeelt hij. ‘De belangen van de klanten blijven op de tweede plaats staan in de manier waarop de bank werkt’.

Smith geeft enkele voorbeelden van de cultuur van hoogmoed en hebzucht. Hij schrijft dat klanten worden aangemoedigd om financiële producten te kopen waar de bank zelf vanaf wil. Tegelijk worden de klanten ook aangespoord om te handelen in producten die voor Goldman Sachs het meeste opbrengen, maar die niet altijd het meest geschikt zijn voor de klant. Ook hekelt hij de ondoorzichtige, moeilijk verhandelbare producten ‘met drieletternamen’ waar de bank zich in heeft gespecialiseerd.

‘Veel van de huidige leiders hebben nul procent Goldman Sachs-cultuur in zich’, schrijft Smith. ‘Ik word er ziek van als ik zie hoe er wordt gesproken over hoe klanten opgelicht kunnen worden. Het gaat er alleen maar over hoe we het meest aan hen kunnen verdienen’. Volgens Smith is het normaal dat managers hun klanten in interne e-mails als ‘muppets’ aanduiden.

Hij geeft ook een mooi overzicht van voorgaande schandalen die illustratief zijn voor de teloorgang van de bank. Het gaat onder meer om het onderzoek door de toezichthouder SEC. Ook noemt Smith de uitgelekte e-mails van Fabrice Tourré, bijgenaamd Fabulous Fab, waaruit bleek dat de bank producten verkocht waarvan duidelijk was dat ze giftig waren.

Hij verwijst ook naar de fameuze uitspraak van Blankfein, die beweerde ‘het werk van God’ uit te voeren. In de online-versie van zijn brief staat ook een link naar een berucht artikel uit Rolling Stone, waarin de bank omschreven wordt als een ‘bloeddorstige inktvis die zijn tentakels rond het aangezicht van de mensheid heeft geslagen’.

Smith eindigt zijn brief met een advies aan het management. ‘Stel de klant opnieuw centraal in wat je doet. Zonder klanten zal je geen geld verdienen. Je zult zelfs niet meer bestaan. Verwijder de mensen die moreel bankroet zijn, ongeacht hoeveel geld ze voor de bank verdienen. En zorg ervoor dat de cultuur weer goed zit’.