Wrakingsverzoek Robert M. afgewezen
Foto: Novum REIN VAN ZANEN
De wrakingskamer heeft het wrakingsverzoek van Robert M., hoofdverdachte in een Amsterdamse zedenzaak, afgewezen. Het verzoek was gericht aan de rechters die over hem zouden moeten oordelen. Volgens M. en zijn advocaten wekten die de schijn van vooringenomenheid op.

De wrakingskamer oordeelt echter dat die vrees voor vooringenomenheid ongegrond is. ‘De rechtbank is op geen enkele wijze vooruitgelopen op de beoordeling van de ten laste gelegde feiten, de schuldvraag of de beschuldigde.’

Spreekrecht

Directe aanleiding voor het wrakingsverzoek was het spreekrecht dat de rechtbank toegekend had aan ouders die bij de zaak betrokken zijn. Wim Anker en Tjalling van der Groot, de advocaten van M., verwezen echter naar een recente uitspraak van de Hoge Raad, die zegt dat een rechter het spreekrecht niet mag verruimen.

Volgens de wrakingskamer zijn de uitspraken van de Hoge Raad echter niet bindend. Bovendien hebben de rechters van Robert M. uitvoerig gemotiveerd warom ze vinden dat de ouders in de rechtszaal mogen spreken.

Proces

M. reageert volgens zijn advocaat teleurgesteld. Het openbaar ministerie is tevreden. ‘We zijn blij dat we nu kunnen doorgaan, ook voor de ouders’, aldus de persofficier.

Het proces gaat vandaag verder. Dan worden M. en zijn medeverdachte en echtgenoot Richard van O. gehoord. Daarna zal de rechtbank achter gesloten deuren een reeks dossiers behandelen van kinderen die door M. zouden zijn misbruikt.