Rik Torfs: 'Als CD&V verdwijnt, dan is dat maar zo'
Foto: foto DF Denderwindeke
Rik Torfs kan het niet langer aanzien. Zijn partij moddert moedwillig aan. Zijn partij heeft geen zelfvertrouwen. Zijn partij is bang. En bij een bange partij wil de senator niet horen. 'Als dit leidt tot een breuk met mijn partij, waar ik niet op aanstuur, dan is dat maar zo.'

‘Ik kwam in een partij terecht waarin de persoon die mij gevraagd had om op te komen
(oud-voorzitster Marianne Thyssen, red.), snel wegging, en waarin velen het belangrijk
vinden om door te gaan in de bestaande machtsstructuren. De meeste mensen leggen
zich daarbij neer, maar voor je het weet, verval je dan in een soort business as usual. Dat is de perversiteit van de tijd die verstrijkt. En zover wil ik het niet laten komen.’

‘Ik heb in het politiek bestuur genoeg mijn mond opengedaan, maar daar wordt niet veel
beslist. Het zelfbehoud van het bestuur spoort bepaald niet aan tot vernieuwing. Zowel met
het rapport van Servais Verherstraeten over de verkiezingen als met de vernieuwingspoging van Inge Vervotte en mezelf is niets gedaan. Je krijgt de indruk dat het obligate oefeningen waren, maar de moed om dieper te reflecteren ontbrak, zowel ideologisch als praktisch.’

‘Waarom heeft CD&V de standenstructuur nog steeds niet afgezworen, terwijl die toch echt
niet meer van deze tijd is?’

Dat stond al in het Kerstprogramma van de CVP van 1945.

‘Ja, maar de standen - de vakbond, de Boerenbond, de middenstand - hebben nog altijd meer te zeggen dan de volksvertegenwoordigers. Dat moet je radicaal en openlijk overboord gooien. Dat zag je toch aan de Arco-affaire? Hoe de partij zich na de val van Dexia heeft ingespannen om de particuliere belangen van enkele aandeelhouders veilig te stellen, dat vind ik onverdedigbaar. De partij moet opkomen voor het algemene belang, niet voor privileges. Ik heb mij toen diep geschaamd.’

‘Er heerst bij CD&V een gebrek aan geloof in wie ze zelf zijn. De partij roept eerst dat
ze bestaat en denkt dan pas na over haar identiteit. Dat blijkt op een extreme manier in Antwerpen, waar CD&V niet eens meer zelfstandig opkomt. In de grootste stad van Vlaanderen kun je niet het signaal geven dat je het niet alleen aankan. Idem voor Tongeren trouwens, waar de partij ineens met de liberalen opkomt: dat is toch te gek voor woorden? Dan flitst er onmiddellijk door mijn hoofd dat prostitutie met meer klasse toch ook mogelijk moet zijn?’

(...)

De klok tikt, de gemeenteraadsverkiezingen komen eraan. Is dit wel het moment om
diepgang te zoeken?

‘Dat de klok tikt, aanvaard ik alleen voor vrouwen die op latere leeftijd zwanger willen
worden. (lacht) Vergeet niet dat niets doen een bewuste beslissing is. Niets verhindert een partij om tegelijk mee te besturen en na te denken. In 2010 hoorde ik Kris Peeters zeggen:
“Wat wij moeten doen, is niet nadenken over die dingen, maar werken, werken, werken.’’
Maar waar eindig je dan? De periodes waarin je alleen maar werkt zonder de bredere context te zien, zijn de momenten waarop je op de vlucht bent.’

‘Kop in kas doorwerken en achteraf schrikken dat je plots niet meer sexy bent, dat is het
probleem van de partij. Ze beseft niet dat vluchten niet sexy is. Nooit. Op dat vlak ben ik
het dus niet eens met Peeters - (droog) hij zal zeker waarderen dat ik dat zeg, want hij is een voorstander van de directe discussie. Wel, in mij vindt hij daarin een partner.’

(...)

Voelt u zich nog wel thuis bij CD&V?

‘Ik voel me christen en democraat. Wat de partij betreft: ik geef niet gemakkelijk hopeloze
gevallen op, ook de Kerk heb ik niet verlaten, maar ik maak me grote zorgen. Om er te
blijven in geloven, is het ook nodig dat de partij in zichzelf gelooft. Een revival is theoretisch
gezien absoluut mogelijk, maar het moet ook in de partij zitten. Alles hangt af van je
vitaliteit.’

‘CD&V staat op een kruispunt. Ik hoop dat de partij de kracht vindt om te vernieuwen, maar
we zullen zien. Als CD&V verdwijnt, dan is dat ook maar zo. Een partij mag geen doel op zich zijn. In Italië is ze verdwenen, in andere landen ook. Dan moet er gezocht worden naar nieuwe wegen om het gedachtegoed te verkondigen. De herverkaveling van het politieke landschap komt er vroeg of laat hoe dan ook.’

‘Ik hoop dat de partij nu uit haar kot komt, ik sta voor alles open. Het zou bijzonder jammer
zijn als hierop geen reactie zou komen. Indat geval... ik doe niet aan chantage, maar ik
ben en blijf een vrij man. Ik zou nog twee jaar zwijgzaam in dat rode pluche van de Senaat
kunnen zetelen en geheel andere dingen doen, maar de mensen die voor mij gestemd hebben, hebben dat niet gedaan opdat ik mijn mond zou houden.’

‘Als dit leidt tot een breuk met mijn partij, waar ik niet op aanstuur, dan is dat maar zo.
Niet dat ik spijt heb van mijn politieke carrière tot nu toe. Het is heel interessant om dat eens van binnenuit mee te maken: journalisten zien maar een fractie van wat er gebeurt in de Wetstraat, hoor.’

 Dit is maar een uittreksel uit een veel langer interview met Riçk Torfs dat u in DS Weekblad vindt.