In 36 procent van de schoolgebouwen in Vlaanderen is asbest aanwezig. In 38 procent is dat zeker niet het geval en in 26 procent weet men het niet. Dat blijkt uit een bevraging die het Agentschap voor Infrastructuur in het Onderwijs in 2008 hield onder 8.482 scholen in Vlaanderen.

De cijfers staan in het antwoord van Vlaams Onderwijsminister Pascal Smet op een schriftelijke vraag van Katleen Martens (Vlaams Belang).

Voor 27 procent van de schoolgebouwen waar de aanwezigheid van asbest gekend is, bestaan concrete plannen om het schadelijk goedje te verwijderen. In 65 procent van de gevallen zijn er geen plannen en voor 8 procent van de schoolgebouwen weet men het niet.

Smet wijst erop dat het verwijderen van asbest een federale materie is die onder het Algemeen reglement voor de arbeidsbescherming valt. Schoolbesturen zijn verplicht deze bepalingen na te leven.

'Ook de onderwijsinspectie doet bij haar doorlichtingen onderzoek naar de mate waarin scholen de reglementaire verplichtingen inzake asbest nakomen', aldus Smet.

Jaren 1950-60

Asbest blijkt vooral voor te komen in gebouwen die dateren uit de jaren 1950-60 (44 procent) en in mindere mate uit de jaren 1970-80 (39 procent) en 1920-40 (32 procent).

Voor 71 procent van de vestigingsplaatsen werd een asbestinventaris opgemaakt, voor 14 procent is dat nog niet gebeurd en voor 15 procent van de gebouwen weten degenen die de enquête invulden het niet.

De asbestthematiek wordt in 67 procent van de gevallen opgevolgd. In 13 procent gebeurt dit niet. Negentien procent van de ondervraagden 'heeft er geen zicht op'.