Op 16 oktober werd in een kerk van de Universiteit van Stanford een herdenkingsplechtigheid gehouden voor voormalig Apple-topman Steve Jobs. Zus Mona Simpson schetste in een lange afscheidsrede een portret van haar broer. En ze beschreef ook zijn laatste uren. De tekst is integraal te lezen op de website van de New York Times.

Simpson omschreef Jobs als een harde werker, bij wie liefde centraal stond. Liefde voor zijn werk, maar vooral liefde voor zijn vrouw en kinderen. 

Aan de hand van anekdotes en details kregen de toehoorders een gevoelig portret van de betreurde Jobs. Zo zei Simpson dat niet vernieuwing, maar wel schoonheid zijn belangrijkste waarde was. 'Voor een innovator was hij opvallend trouw', voegde ze daaraan toe. 'Als hij een hemd mooi vond, dan bestelde hij er 10 of 100. In zijn huis in Palo Alto zijn waarschijnlijk genoeg zwarte turtlenecks voor iedereen in deze kerk.'

Op de dag dat hij zijn vrouw voor het eerst ontmoet had, telefoneerde Jobs naar zijn zus: 'Er is een mooie vrouw en ze is heel slim en ze heeft een hond en ik ga met haar trouwen.'

Dat Jobs niet pronkte met zijn rijkdom, blijkt onder meer uit de simpele gerechten die er op tafel kwamen - maaltijden met één groente, simpel bereid, zo vertelt Simpson. 'Al was het niet zo dat hij niet van zijn succes genoot', merkte ze op. 'Hij zei me hoe hij er van hield om naar de fietswinkel in Palo Alto te gaan en er te beseffen dat hij er zich de beste fiets kon veroorloven.'

Jobs' zus ging uitvoerig in op het gevecht van Jobs met zijn ziekte. Over hoe hij na zijn levertransplantatie opnieuw leerde lopen, toegewijd, nooit aflatend. En over hoe hij uiteindelijk de strijd verloor. Omringd door vrouw, kinderen en zussen, bleef hij nog uren zijn best doen om te ademen. 'Voor hij losliet, keek hij naar zijn zus Patty, dan lange tijd naar zijn kinderen, dan naar zijn levenspartner, Laurene, en dan over hun schouders. Steve's laatste woorden waren: Oh wow. Oh wow. Oh wow.'