De belangrijkste data in het leven van Steve Jobs, de woensdag overleden medeoprichter van Apple

1955: Stephen Paul Jobs wordt geboren op 24 februari.

1972: Jobs schrijft zich in aan Reed College in Portland, Oregon. Hij stopt na één semester.

1974: Jobs werkt voor gamefabrikant Atari en woont met Steve Wozniak, een schoolvriend, bijeenkomsten bij van de Homebrew Computer Club.

1976: Op 1 april wordt Apple Computer opgericht. Jobs en Wozniak hebben kort tevoren in een garage in Silicon Valley een nieuwe printplaat ontwikkeld. Een derde medeoprichter, Ron Wayne, verlaat het bedrijfje al na een kleine twee weken. De Apple I-computer komt in de zomer op de markt voor 666,66 dollar.

1977: Apple trekt kapitaal aan van investeerders. De Apple II wordt onthuld, de eerste pc met kleurenbeeld. De opbrengst loopt op tot een miljoen dollar.

1979: Jobs bezoekt het Xerox Palo Alto Research Center (PARC) en raakt geïnspireerd door een computer met een grafische user interface.

1980: Apple gaat naar de beurs. Er wordt 110 miljoen dollar binnengehaald.

1982: De jaarlijkse opbrengst stijgt tot een miljard dollar

1983: De computer Lisa wordt met veel bombarie aangekondigd, maar flopt jammerlijk.

1984: Iconische tv-commercial voor Macintosh, geregisseerd door Ridley Scott, wordt tijdens de Super Bowl uitgezonden. De Macintosh verschijnt in de winkel.

1985: Jobs heeft een aanvaring met directeur John Sculley, die twee jaar eerder is aangetrokken, en stapt op. Ook Wozniak vertrekt dat jaar bij Apple.

1986: Jobs richt een nieuw computerbedrijf op, Next, dat geavanceerde apparaten voor universiteiten gaat ontwerpen. Ook koopt hij voor tien miljoen dollar Pixar van Star Wars-bedenker George Lucas.

1989: Eerste NeXT-computer gaat in de verkoop en kost 6500 dollar.

1991: Apple en IBM kondigen een samenwerking aan om nieuwe microprocessoren en software voor pc’s te ontwikkelen. Apple onthult nieuwe draagbare Macs, die PowerBook heten.

1993: Apple introduceert de Newton, een draagbare computer die met een pen wordt bestuurd. Het bedrijf maakt in een kwartaal een verlies van 188 miljoen dollar. Sculley wordt vervangen door Michael Spindler. Apple reorganiseert en Sculley treedt terug als voorzitter. Bij Next besluit Jobs zich te richten op de ontwikkeling van software.

1994: Apple brengt Power Macintosh computers op de markt, die werken met een chip die in samenwerking met IBM en Motorola is ontwikkeld. Apple besluit licenties uit te geven voor zijn software en staat andere bedrijven toe de Mac te klonen. Het bedrijf stapt daarmee over op het model van Microsoft.

1995: De eerste Mac-klonen gaan in de verkoop. Microsoft brengt Windows 95 uit, een besturingssysteem dat eenvoudiger in gebruik is en lijkt op het systeem van de Mac. Apple gaat gebukt onder de concurrentie, maakt verlies en kan niet inhaken op de wensen van consumenten. Ondertussen verschijnt Pixars Toy Story in de bioscoop, de eerste volledig met computers gemaakte animatiefilm. Pixar gaat naar Wall Street en haalt 140 miljoen dollar op.

1996: Apple kondigt plannen aan om Next te kopen voor 430 miljoen dollar. Het bedrijf is vooral geïnteresseerd in het besturingssysteem dat Jobs heeft ontwikkeld. Jobs wordt aangesteld als adviseur van Apple.

1997: Na het vertrek van directeur Gil Amelio, die Spindler had vervangen, wordt Jobs interim-directeur. Hij noemt zich ’iCEO’, een voorbode van de marketingstrategie achter een nieuwe productlijn. Jobs trekt de stekker uit de Mac-klonen.

1998: Apple maakt weer winst. Het bedrijf vernieuwt de computerindustrie met de zuurstokkleurige iMac. Het bedrijf stopt de productie van de Newton.

2000: Jobs niet langer ’interim’-directeur.

2001: De eerste iPod gaat in de verkoop, net als computers die werken met het besturingssysteem OS X, gebaseerd op de NextStep-software. Apple brengt ook software voor iTunes uit.

2003: Apple lanceert de iTunes Music Store met tweehonderdduizend liedjes voor 99 dollarcent per stuk. Mensen kunnen zo eenvoudig online muziek aanschaffen. In de eerste week worden een miljoen liedjes gedownload.

2004: Jobs ondergaat een operatie aan een zeldzame, maar te behandelen vorm van alvleesklierkanker. Na afloop maakt Apple bekend dat de operatie heeft plaatsgevonden.

2005: Apple breidt de iPod-lijn uit met de Nano en een iPod die video’s kan afspelen. Het bedrijf kondigt tevens aan dat toekomstige Macs met Intel-chips worden uitgerust.

2006: Disney koopt Pixar voor 7,4 miljard dollar. Jobs wordt de grootste individuele aandeelhouder van Disney.

2007: Apple brengt zijn eerste smartphone uit, de iPhone. Grote menigtes consumenten drommen samen voor de Apple-winkels om als eerste het nieuwe apparaat te kunnen aanschaffen.

2008: Er komt een geruchtenstroom op gang over de gezondheid van Jobs, die veel gewicht verloren heeft. In september opent hij een bijeenkomst met de woorden: "De berichten over mijn dood zijn zwaar overdreven." Het persbureau Bloomberg had per abuis een necrologie over Jobs uitgestuurd, en vlug weer ingetrokken.

2009: Jobs legt zijn gewichtsverlies uit als een behandelbare hormoonaandoening en zegt leiding te blijven geven aan Apple. Dagen later kondigt hij aan met ziekteverlof te gaan. In juni gaat hij weer aan het werk. Later wordt bekend dat hij een levertransplantatie heeft ondergaan.

2010: Apple verkoopt in negen maanden tijd vijftien miljoen iPads, de nieuwste gadget.

17 januari 2011: In een memo aan medewerkers van Apple kondigt Jobs aan opnieuw met ziekteverlof te gaan. Tim Cook geeft leiding aan de dagelijkse operaties. Jobs blijft directeur en betrokken bij grote beslissingen.

24 augustus 2011: Apple kondigt het aftreden van Jobs als directeur aan. Cook neemt de functie over en Apple benoemt Jobs tot voorzitter.

5 oktober 2011: Jobs overlijdt op 56-jarige leeftijd. Apple maakt zijn dood bekend, maar noemt de oorzaak van overlijden niet.