De instorting van Dexia slaat opnieuw een gat in de gemeentekassen. Hoe groot is de schade voor uw gemeente?

Om dat na te gaan, hebben we opgezocht wat de participaties van de Vlaamse gemeenten zijn in de Gemeentelijke Holding (GH), de overkoepelende holding die de gemeentelijke belangen in Dexia groepeert. Die Gemeentelijke Holding heeft zelf 14,1% van de Dexia-groep in handen.

De gemeentelijke participaties zijn de optelsom van heel wat erfenissen en operaties uit het verleden, zegt Jan Leroy van de Vlaamse Vereniging voor Steden en Gemeenten (VVSG). De Holding ontstond in 1996 bij de oprichting van Dexia, via de inbreng van het vroegere Gemeentekrediet. Enkele jaren later werden de aandelen van de Holding gesplitst in Dexia-certificaten met stemrecht en met dividendrecht, wat de gemeenten toeliet om hun belang geheel of gedeeltelijk ten gelde te maken.

Na de bankencrisis van 2008 volgde een kapitaalverhoging waarbij de certificaten werden omzet in nieuwe GH-aandelen. Een groep gemeenten tekende toen ook in op nieuwe aandelen, voor in totaal 250 miljoen euro. Allemaal samen bezitten de Vlaamse gemeenten 39,8% van de Gemeentelijke holding, of onrechtstreeks 5,6% van Dexia. De Waalse gemeenten bezitten samen 32,2%, de Brusselse gemeenten 19,2%. Het restant is in handen van de provincies.

De aandelen van Dexia staan in de boeken van de Gemeentelijke Holding tegen 8,25 euro, terwijl de huidige beurskoers nog amper een euro bedraagt. De Holding, en daarmee ook de gemeentelijke aandeelhouders, slikken dus een enorme minwaarde.

Het is moeilijk om de precieze minwaarde per gemeente uit te rekenen omdat alles afhangt van de waardering van de GH-aandelen in de gemeentelijke boekhouding. Maar een indicatief rekenvoorbeeld geeft een idee. Zo bezit Antwerpen, de grootste gemeentelijke aandeelhouder, 2,073 miljoen GH-aandelen, goed voor een belang van 6,524% in de Gemeentelijke Holding. Onrechtstreeks bezit Antwerpen daarmee 0,92% van het Dexia-kapitaal, dat bestaat uit 1,95 miljard aandelen.

Als we abstractie maken van de verschillende types GH-aandelen en hun waardering, en uitgaan van een minwaarde van 7,25 euro per Dexia-aandeel, kijkt Antwerpen aan tegen een totale minwaarde van ongeveer 130 miljoen euro, of bijna 270 euro per inwoner. Nogmaals, het is een ruwe schatting, maar het geeft toch aan wat de omvang is van de financiële kater van de gemeenten.

Om de financiële impact op de gemeente in te schatten, moet je de minwaarden in verhouding zien tot het aantal inwoners. Grote gemeenten kunnen een bepaald waardeverlies immers makkelijker opvangen door meer belastingen te heffen. Hoe hoger het gemiddelde aantal GH-aandelen per inwoner, hoe groter de financiële impact voor (de inwoners van) die gemeente. Dit hebben we op het kaartje met kleurschakeringen weergegeven.

De kustgemeenten Oostende en Blankenberge worden het zwaarst getroffen door het Dexia-debacle. Zij hebben gemiddeld 8 à 9 aandelen per inwoner. Ook de inwoners van Knokke-Heist (5,2) zijn relatief grote aandeelhouders. De kustgemeenten ‘erfden’ heel wat aandelen uit de periode dat ze bij het Gemeentekrediet geld leenden om hun toeristische infrastructuur uit te bouwen. Een deel van die leningen werd achteraf omgezet in aandelen.

De bovenvermelde cijfers houden nog geen rekening met de schuldenlast van de Gemeentelijke Holding. Verreken je die, dan zijn de participaties van de gemeenten in de Holding helemaal niks meer waard. Het Vlaams Gewest heeft die schulden afgedekt via een waarborg, maar door de nieuwe waardedaling van de Dexia-aandelen is er alwaar een nieuwe financiêle kloof ontstaan.

Veel gemeenten kunnen zich misschien troosten met de gedachte dat hun Dexia-participaties vandaag dan wel waardeloos zijn, maar jarenlang wel een belangrijke bron van inkomsten zijn geweest. Tot voor de financiële crisis betaalde Dexia immers mooie dividenden uit, en een aantal gemeenten - onder meer Oostende, Blankenberge en Leuven - verkochten nog voor de crisis een pakket certificaten tegen fors hogere prijzen.