9/11 was ook aanslag op economie
Op 17 september werd de handel in Wall Street hervat. De traditionele openingsbel werd er geluid door vertegenwoordigers van de New Yorkse brandweer, politie en reddingswerkers. Foto: ABC
Met de WTC-torens koos Osama Bin Laden een symbolisch geladen doelwit uit: twee wereldbekende gebouwen in het hart van het zakendistrict van Amerika’s belangrijkste zakenstad. De terrorist maakte daarmee duidelijk dat hij de VS ook daar wilde treffen waar het echt pijn doet: in de portemonnee. Op het eerste zicht leek het met de economische fall-out van 9/11 nog wel mee te vallen. Maar schijn bedriegt. Amerika en de rest van de wereld dragen tot de dag van vandaag ook financieel de gevolgen van de terreuraanslagen.

Als Bin Laden met de aanslagen van 11 september 2001 ook financieel-economische terreur wilde zaaien, dan had hij geen betere plaats en tijdstip voor de aanval kunnen kiezen. Iets voor negen uur ’s ochtends, op een werkdag in september, is het zuiden van Manhattan één krioelende massa forenzen. Ze stromen er met duizenden toe via de metrolijnen en de ondergrondse pendeltreinen die het eiland verbinden met de slaapsteden in New Jersey, aan de overkant van de Hudson-rivier. Ook op die zonnige dinsdagochtend zijn duizenden mensen op weg om om negen uur aan hun werkdag te beginnen.

De inslag van het eerste vliegtuig, rond kwart voor negen, doet  het leven rond de torens plotsklaps stilvallen. In de torens zijn op dat moment naar schatting al zo’n 15.000 mensen aanwezig. Overal komen mensen naar buiten of zetten ze de de tv op om de hevige brand in de noordelijke toren met eigen ogen te aanschouwen. Dat het om een aanslag gaat, komt in die eerste minuten nog niet bij veel mensen op. En wie het al denkt, durft het niet luidop te zeggen. Tot er een tweede vliegtuig in de andere toren crasht.

In het volgende filmpje zien we hoe die inslag live gecovered wordt op de tv-zender CNBC (vanaf 08’08”). In de rechterbenedenhoek van het scherm kan je de koersen volgen van de futures (termijncontracten) op de drie belangrijkste beursindexen in de VS. De prijzen van die indexfutures, die vrij stabiel waren gebleven na de inslag van het eerste vliegtuig, gaan enkele seconden na de impact van het tweede toestel steil naar beneden. Dat is het moment waarop de wereld beseft dat we niet te maken hebben met een stom ongeluk of een wanhoopsdaad van één piloot, maar met een georganiseerde aanval op goed uitgekozen doelwitten.


Weggeveegd

Onder de ruim 2.600 mensen die in en rond de WTC-torens het leven lieten, bevinden zich honderden bankiers, traders, advocaten en andere ‘hooggekwalificeerde professionals’. De directe impact op een aantal ondernemingen was verwoestend. De zakenbank Cantor Fitzgerald, een belangrijk speler in de Amerikaanse obligatiehandel die vijf verdiepingen bezette in de noordelijke toren, verloor in één klap 658 werknemers en werd bijna letterlijk weggeveegd door de impact van vlucht AA11.

In Wall Street, dat in vogelvlucht maar enkele honderden meters van de torens af ligt, besluit het beursbestuur dat de aandelenhandel tot nader order helemaal wordt afgelast. Alle aanwezigen worden geëvacueerd. Ook andere beurzen in de VS en in de rest van de wereld worden stilgelegd, in overleg met de autoriteiten. De Federal Reserve (Fed), het stelsel van centrale banken in de VS, laat weten dat ze actief blijft en klaarstaat om indien nodig miljarden dollars in het banksysteem te injecteren. Op die manier wil de Fed vermijden dat banken over de kop gaan doordat panikerende spaarders en investeerders massaal hun tegoeden opvragen.

Wie de rest van de dag bleef tv kijken en de berichten van de persagentschappen volgde, kreeg het gevoel dat de derde wereldoorlog was uitgebroken. Het Pentagon was deels verwoest, er werd gevreesd voor een aanval op het Witte Huis, en tal van overheidsgebouwen en wolkenkrabbers werden ontruimd. In de totale chaos werden allerlei geruchten als nieuws de wereld ingestuurd. Zelfs een gerespecteerd financieel agentschap zoals Bloomberg verspreidde op zeker ogenblik alarmerende headlines over bomaanslagen en branden in de straten van Washington, die achteraf niet bleken te kloppen. Het beursgebouw in Wall Street deed dienst als een schuilplaats voor mensen die de stofwolken van zuid-Manhattan wilden ontvluchten na de instorting van beide wolkenkrabbers.


Voorkennis

Eén van de grote onbeantwoorde vragen van 9/11 is de vraag wie er op de beurs geld verdiend heeft aan de aanslagen. En vooral, of het zou kunnen dat Osama zelf, en een groep insiders die van de aanslagen wisten, op grote schaal met voorkennis hebben gehandeld. Je leest er hier meer over.

Het hoeft niet te verbazen dat de beursautoriteiten in dit klimaat beslisten om de effectenmarkten nog een paar dagen helemaal aan banden te leggen. Pas zes dagen later, op 17 september, werd de handel in Wall Street hervat. De traditionele openingsbel werd er geluid door vertegenwoordigers van de New Yorkse brandweer, politie en reddingswerkers, die honderden collega’s in de aanslagen hebben verloren.

Die 17de september verloor de Dow Jones in een klap meer dan 680 punten of een goede zeven procent. Dat was op zich minder erg dan velen hadden gevreesd. Maar de sectoren die kwetsbaar waren voor terreuraanslagen - de luchtvaart, verzekeringen, toerisme - verloren tientallen miljarden euro aan beurswaarde.

In enkele maanden tijd zou de beurs uiteindelijk een kwart van haar waarde verliezen, wat de verwachting van de markt weergaf dat de economie een zware klap zou krijgen als gevolg van een inzakkend vertrouwen bij consumenten en ondernemingen. En dat wankele vertrouwen zou in de volgende maanden nog zwaar op de proef worden gesteld, toen de VS in de ban raakten van de zogenaamde ‘anthrax-aanvallen’, waarbij poeder met sporen van de gevaarlijke miltvuurbacterie in het postbakje van enkele mediabedrijven en senatoren terechtkwam. De dader bleek uiteindelijk geen uitstaans te hebben met Al-Qaeda, maar de kans is groot dat hij door de terreuraanslagen 'geïnspireerd' was.

Irak 

Maar het was vooral het toenemende perspectief op een lange en heel erg dure oorlog met Irak dat de beleggers de adem ontnam. Na een korte herstelrally dook de Dow Jones op 9 oktober 2002, ruim een jaar na de aanslagen, naar een nieuw dieptepunt van 7.286 punten. Het zou tot maart 2003 duren, toen de oorlog op het punt stond om uit te breken, dat de markt haar onzekerheid afschudde en aan een nieuwe hausse begon die vier jaar zou duren - tot een andere crisis, een financiële deze keer, zich aankondigde. Bizar detail: Op 11 september 2009, dag op dag acht jaar na de aanslagen, bereikte de Dow Jones opnieuw het exacte niveau dat de index had op het moment van de aanslagen. In dit verslag van CNBC wordt een meer gedetailleerd overzicht gegeven van het beursverloop sinds 9/11.

Ondanks de latere aanslagen in onder meer Madrid en Londen kwamen de beleggers tegen het midden van het decennium tot het besluit dat de economische schade in het ‘terreurtijdperk’ eigenlijk nog wel meeviel. En als je de economische groeicijfers bekijkt, kan je hen geen ongelijk geven. Na een dip op het einde van 2001,dat sowieso al een zwak jaar was, kwam de Amerikaanse economie tegen midden 2002 alweer op kruissnelheid en groeide ze twee jaar na de aanslagen zelfs met bijna 7% op kwartaalbasis.

Maar het zou fout zijn om daaruit af te leiden dat de economische impact van 9/11 beperkt is gebleven. Die impact laat zich immers niet alleen op korte termijn aflezen uit beursindexen en groeicijfers. Ze blijkt op veel langere termijn ook uit de toename van de Amerikaanse overheidsschuld. Nadat die eind jaren ’90 een duidelijke neerwaartse knik had gemaakt, ging ze na 9/11 weer omhoog als gevolg van de miljarden dollars die de overheid investeerde in twee grote prioriteiten: wraak nemen voor de aanslagen en voorkomen dat zoiets nogmaals kon gebeuren. De nog steeds aanslepende bezettingen van Afghanistan en Irak zijn een direct gevolg van 9/11, evenals de enorm zware investeringen in de inlichtingendiensten, het binnenlandse veiligheidsapparaat en de bijbehorende bureaucratie.

De belangrijkste schuldige voor de explosie van de overheidsschuld was weliswaar niet de ‘war on terror’ op zich, maar de kredietcrisis en de bankencrisis van 2007 en 2008, die overheden in de hele wereld dwong om financiële instellingen te redden met honderden miljarden geleend geld. Maar die crisis had nooit de gigantische proporties van vandaag aangenomen als de overheid beter voorbereid was, en in de jaren voordien voor een gezonde begroting en schuldsituatie had gezorgd.

Dat banken als Lehman Brothers en Fortis eind 2008 van de kaart geveegd werden, dat de eurozone zware barsten vertoont en dat de Amerikaanse president in de problemen kwam door een politiek conflict over de torenhoge Amerikaanse schuld: we hebben het minstens gedeeltelijk aan Osama Bin Laden te danken. De superterrorist heeft in de weken, maanden en jaren voor zijn dood wellicht nog meermaals in zijn vuistje gelachen.

Je wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld je aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig