Onze redacteur diep onder de indruk: 'Surrealistisch schouwspel'
Foto: Photo News
Het zou hét hoogtepunt van mijn zomer moeten worden: Pukkelpop 2011. Maandenlang had ik er naar uitgekeken. Na een urenlange calvarietocht vol file en aanschuiven, stonden ik en mijn vrienden omstreeks 17u30 eindelijk op de wei. Klaar voor drie dagen muziek en vertier in Kiewit. De zon scheen uitbundig en er hing overal een uitgelaten sfeer. 'Dit wordt fantastisch', lachten we elkaar toe.

Niemand die het onheil had zien aankomen. Er kwam wel een sms'je van het thuisfront in Antwerpen. 'Jullie ginder al goed nat?', vroeg iemand bezorgd? 'Oei, regen op komst dus. Even schuilen en het zal wel snel overwaaien', dachten we bij onszelf. En dat deden we ook toen de eerste druppels omstreeks 18u begonnen te vallen.

Maar die druppels veranderden al snel in hagel, terwijl de grijze hemel stilaan gitzwart wegtrok. Steeds meer jongeren (enkele duizenden) troepten samen onder het tentzeil dat voor de Boiler Room stond opgesteld. In heb begin bleef iedereen nog vrolijk dansen en werd de storm onthaald op uitdagend gejoel. Maar toen even later de gigantische constructie gevaarlijk begon te wankelen en het tentzeil begon door te hangen onder de massale hoeveelheid water sloeg de uitgelaten stemming snel om in paniek.

'We moeten hier weg'

'We moeten hier weg', schreeuwde een van mijn vrienden me toe. En dus sprintten we het terrein op. De dikke hagelbollen beukten ongenadig in op mijn hele lichaam en veroorzaakten tal van blauwe plekken. In open lucht blijven staan was geen optie. Rondom mij zochten duizenden andere jongeren als een kip zonder kop een schuilplaats. Takken en afval vlogen in het rond, een jong meisje schoof hysterisch uit in een modderpoel, vlaggenmasten braken af... Met een hels lawaai ging ook achter mijn rug de tentconstructie waar ik een halve minuut ervoor nog had gestaan tegen de vlakte.

Ik zocht maar vond geen beschutting. Uiteindelijk repte ik mij naar de Dancehall, maar die was zo vol dat ik er simpelweg niet meer bijkon. Er restte geen andere optie dan onder de open hemel de hagelbollen te trotseren en te hopen dat de storm zo snel mogelijk zou gaan liggen. In de verte zag ik andere festivalgangers die zich schuil hielden onder tafels, nadarafsluitingen, podia. Alles wat enigszins gebruikt kon worden als bescherming tegen de ontketende storm werd aangewend.

Slagveld

Een kwartier later was het voorbij. Mensen staarden elkaar wezenloos aan, diep onder de indruk van de catastrofe die vanuit het niets over ons heen was geraasd. Het festivalterrein was getransformeerd in een slagveld uit de eerste wereldoorlog. Een puinhoop van modder, brokstukken en gewonden. En daartussen toch nog steeds veel uitgelaten feestvierders, niet beseffend welk onheil net met een allesverwoestende kracht was gepasseerd. Sommigen van hen doken zelfs poedelnaakt, luid zingend en stomdronken de modder in: een surrealistisch schouwspel.

Hallucinante taferelen

Maar de meesten, net als ik, waren vooral bezorgd om hun naasten. In de paniek waren vele festivalgangers hun vrienden kwijtgespeeld en probeerden ze hen, tevergeefs, via de gsm terug op te sporen. Bij velen stond de wanhoop in de ogen te lezen. Ik trof bijna twee uur later opgelucht mijn kameraden terug aan op de camping. Onze tent was 50 meter verder weggewaaid en al onze spullen waren drijfnat, maar dat was bijzaak.

Twee van mijn makkers hadden zich tijdens het onweer schuilgehouden in de EHBO-post en waren getuige geweest van hallucinante taferelen: een man met een opengereten buik die werd binnengevoerd, een andere bij wie de arm van het bovenlijf was gerukt en een totale ontreddering bij de hulpverleners.

Jonge landgenoten, die een uur daarvoor nog samen met hun vrienden de tijd van hun leven aan het beleven waren en wiens zelfde leven en dat van hun dierbaren nu compleet verwoest is. Het is vandaag dan ook enkel gepast om stil te staan bij hun verhaal en verdriet. Vragen over financiële consequenties of wat dan ook, zijn even niet op hun plaats.