Met de terugkeer op aarde van het ruimteveer Atlantis is het spaceshuttletijdperk na dertig jaar en drie maanden afgesloten. Duizenden mensen zagen hoe de shuttle donderdag kort voor het aanbreken van de dag na een laatste vlucht van dertien dagen landde bij de basis Cape Canaveral.

Vijf spaceshuttles voerden sinds 1985 135 vluchten uit, waarin de aarde 21.150 keer werd omcirkeld en in totaal 872 miljoen kilometer werd afgelegd. Driehonderdvijfenvijftig mensen uit zestien landen vlogen mee en brachten samen 1333 dagen of bijna vier volle jaren door in de ruimte.

Twee shuttles gingen verloren, de Challenger bij de lancering en de Columbia bij de terugkeer in de dampkring. Veertien astronauten kwamen om het leven, maar na de nodige aanpassingen werden de shuttlevluchten toch weer voortgezet.
Duizenden mensen die bij het shuttleprogramma betrokken moeten vanaf vrijdag naar ander werk omzien. Het personeelsbestand was de afgelopen maanden al sterk ingekrompen.

De beslissing om het ruimteveerprogramma stop te zetten werd zeven jaar geleden genomen, amper een jaar na het ongeluk met de Columbia. De reden is geldgebrek. De ruimtevaartorganisatie NASA geeft de shuttles op voor expedities dieper de ruimte in, zoals een bezoek aan een asteroïde in 2025 en over een jaar of twintig wellicht een reis naar Mars.

Op zijn laatste vlucht bracht Atlantis een jaarvoorraad goederen naar het internationale ruimtestation ISS, dat nog minstens tien jaar in bedrijf blijft. De bevoorrading en aflossing van bemanningen moeten worden overgenomen door Rusland en particuliere ruimtevaartbedrijven.

De eerste onbemande commerciële vlucht staat eind dit jaar gepland, maar het zal mogelijk nog vijf jaar duren voordat het bedrijf SpaceX toestemming krijgt om de eerste bemande vlucht naar het ISS te ondernemen. Sommige sceptici denken zelfs dat er wel tien jaar overheen kunnen gaan voordat er weer een astronaut vanaf Amerikaanse bodem de ruimte in gaat.