Athene krijgt nieuw steunpakket van 109 miljard euro
Foto: AFP
De staats-en regeringsleiders van de zeventien eurolanden hebben donderdag een akkoord bereikt over een nieuw steunpakket van 109 miljard euro voor het noodlijdende Griekenland, waarvan de private sector een derde op zich neemt.

De eurolanden hopen zo een besmetting van de hele eurozone te vermijden. Tegelijk krijgt het Europese noodfonds EFSF gevoelig meer armslag om nieuwe crisissen te vermijden.

De uitzonderlijke eurotop kwam er pas na dagenlang getouwtrek. De druk was hoog omdat de crisis het voortbestaan van de euro zelf in gevaar bracht. Uiteindelijk kwamen zwaargewichten Duitsland en Frankrijk woensdagnacht tot een vergelijk dat ze met de vijftien anderen verfijnd hebben.

Concreet kan Athene rekenen op ruim 70 miljard euro aan nieuwe leningen van Europa en het IMF, plus een participatie van zo’n 37 miljard door de private schuldeisers. Het geld komt bovenop de 110 miljard van vorig jaar.

Om die leningen voor de probleemlanden draaglijker te maken, komt er ook een verdubbeling van de looptijd tot "minstens" vijftien jaar. Daardoor kunnen de intresten verlaagd worden naar 3,5 procent, tegenover gemiddeld 4,5 procent nu.

Structureel ziet het Europees noodfonds EFSF zijn bevoegdheden tot slot gevoelig uitgebreid. Het zal voortaan zelf schuldpapier kunnen opkopen bij private investeerders op de secundaire markten. Dat was een eis van de Europese Centrale Bank, die als enige waardeloze obligaties moest opdweilen. Het EFSF zal ook preventief geld kunnen lenen aan eurolanden in moeilijkheden. Van een bankentaks is geen sprake meer.
 

Donderdag overlegden Merkel en Sarkozy voor aanvang van de top met de eurolanden dan nog eens met de Griekse premier George Papandreou en raadsvoorzitter Herman Van Rompuy, commissievoorzitter José Manuel Barroso, IMF-topvrouw Christine Lagarde en eurogroepvoorzitter Jean-Claude Juncker. Ook over de uitkomst van dat gesprek is voorlopig niets bekend.