Hoe geef ik een onkostenvergoeding aan?
Foto: Jobat.be
‘Ik ben met pensioen, maar af en toe geef ik een korte sessie als opleiding. Dat werd me gevraagd ten gevolge mijn specialisatie van vroeger. In 2011 kreeg ik hiervoor 1.050 euro vergoeding voor. Dat is meer een onkostenvergoeding, want hiervoor reed ik vijf keer naar Brussel en vijf keer naar Kortrijk. Ik doe dat grotendeels vrijwillig. Uiteraard wil ik de kosten (vooral verplaatsing) aftrekken van de vergoeding die ik kreeg, maar het systeem van tax-on-web houdt hier geen rekening mee. In welke rubrieken moet ik dat invullen?’ Koen Janssens (Kluwer) geeft antwoord.

De fiscus staat toe dat vrijwilligersvergoedingen tot een bepaald bedrag belastingvrij blijven. De maxima zijn echter tamelijk laag. Voor 2010 (aanslagjaar 2011) ligt de grens op 30,22 euro per dag en 1.208,72 euro per jaar. Daarbovenop mogen nog werkelijke vervoerskosten terugbetaald worden voor maximaal 2.000 km per jaar. Voor de kilometers die afgelegd worden met de auto, mag echter hoogstens een bedrag terugbetaald worden dat gelijk is aan de officiële kilometervergoeding voor ambtenaren (die bedraagt 0,3178 euro per km van 1 juli 2010 tot 30 juni 2011, en 0,3026 euro van 1 juli 2009 tot 30 juni 2010).

Let wel: de fiscus aanvaardt de belastingvrijstelling van dergelijke vergoedingen alleen voor de sociale en culturele sector en de sportwereld. Het statuut van vrijwilliger is in principe een feitenkwestie. Maar als er een overeenkomst is waarin expliciet staat dat de vergoeding uitgekeerd wordt voor een bepaalde prestatie, is het moeilijk vol te houden dat het om vrijwilligerswerk gaat. Ook vermelding van de vergoeding op een fiche 281.50 wijst niet onmiddellijk op vrijwilligerswerk.

Als het niet gaat om vrijwilligersvergoedingen, kunnen altijd nog (werkelijke) kosten afgetrokken worden van de inkomsten. Die kosten komen dan niet in aftrek van het pensioen maar van de inkomsten uit de bijverdienste. Voor bijvoorbeeld “diverse inkomsten” kan men de aftrekbare kosten vermelden onder code 201 in vak XV van de aangifte.

Eventueel kan een vergoeding voor het geven van een opleiding deels beschouwd worden als een vergoeding voor auteursrechten (voor het schrijven van de begeleidende cursus, handouts enz.). Die kennen een eigen regime van (vrij hoge) forfaitaire kosten.

We veronderstellen overigens dat het pensioen hoog genoeg is om niet in aanmerking te komen voor de belastingvrijstelling of –vermindering voor kleine pensioenen. Dat die vrijstelling zou wegvallen door een bijverdienste, is dus geen zorg.