85 procent van de artsen vindt dat er nood is aan meer betrouwbare en erkende websites met medische informatie, zo maakt de ‘gezondheidsbarometer’ van de denktank Itinera duidelijk. Het huidige aanbod op internet is onvoldoende. 443 artsen werden ondervraagd.

Enkel wanneer het gaat over het zuivere dienstenaanbod van ziekenhuizen (70 procent) en over de gegevens van de dichtstbijzijnde artsen (57 procent), betrouwt men de informatie op het web. Websites met ‘de nieuwste wetenschappelijke kennis over de pathologie’ en met medische adviezen om bepaalde kwalen te verzorgen, worden maar vertrouwd door 19 procent.

Itinera vindt zelf dat er vooral grote nood is aan kwaliteitsinformatie over gezondheidszorg. Welk ziekenhuis en welke arts is best voor de behandeling van aandoening X?

Die nood is er zowel bij artsen als bij patiënten. 51 procent van de artsen zegt daarover vaak vragen te krijgen van patiënten. Ze krijgen ook vragen preventief gedrag (39 procent) en over de kost van geneesmiddelen (39 procent). Al die informatie zou op het internet moeten beschikbaar zijn, in een betrouwbare vorm.

De Vlaamse minister van Welzijn, Jo Vandeurzen, werkt wel aan een accreditering van ziekenhuizen, een paar zijn al geaccrediteerd bij het amerikaanse JCI (KU Leuven) en het Nederlandse Niaz (fusieziekenhuis Jessa, Hasselt).

Itinera meldt ook dat de artsen twijfels hebben over de financiële duurzaamheid van het Belgisch gezondheidssysteem op lange termijn. 25 procent van de artsen denkt dat de overheid ‘helemaal niet’ in staat is die duurzaamheid te waarborgen op lange termijn; 60 procent twijfelt daaraan.

Op middellange termijn heeft men er meer vertrouwen in.

Desondanks krijgt het gezondheidsstelsel in zijn geheel een score van 77,7 op 100 van de artsen. ‘Dit toont aan dat het systeem relatief goed werkt. Maar in de toekomst zou wel naar een totaalscore van tachtig gewerkt moeten worden’, aldus François Daue van Itinera.

Artsen hebben vooral vertrouwen in de kwaliteit van ziekenhuizen en zorgverstrekkers. In zichzelf dus. Hun vertrouwen in het beleid – zowel het federale als dat van de deelstaten – is beperkt.