Japan heeft voorlopig besloten om de walvisvangsten in de Antarctische Oceaan op te schorten wegens acties van dierenrechtenorganisatie Sea Shepherd. Dat meldt het Agentschap voor Visserij woensdag.

Boten van Sea Shepherd achtervolgen de Japanse walvisvloot al weken in de ijzige zeeën bij Antarctica in een poging de jaarlijkse walvisvaart - waarbij de dood van 945 dieren gepland staat - te frustreren.

Japan heeft de jacht op 10 februari opgeschort na voortdurende 'gewelddadige verstoringen' door de activisten, aldus Tatsuya Nakaoku, woordvoerder van het Japanse visserijagentschap. 'We hebben de walvisvaart tijdelijk stilgelegd om de veiligheid te kunnen garanderen', zei Nakaoku. Als de omstandigheden weer veilig worden geacht zal de vloot de walvisjacht worden hervat. Het is nog onduidelijk wanneer dat zal zijn.

Ranzige boter

Tot dusverre hebben de protestacties niet geleid tot verwondingen of grote schade aan de schepen, zei Nakaoku. Wel gooien de activisten flessen gevuld met ranzige boter op de schepen en één keer raakte een touw verstrikt in de propeller van een harpoenschip.

Sea Shepherd voert al jaren actie tegen de Japanse walvisvaart. Volgens Japan is de walvisvaart bedoeld voor wetenschappelijk onderzoek, maar tegenstanders zeggen dat het een dekmantel is voor commerciële walvisvaart, omdat het vlees dat niet gebruikt wordt voor onderzoek verkocht wordt. De praktijk wordt getolereerd door de Internationale Walviscommissie dat de commerciële vangst al sinds 1986 verbiedt.