Alain Zenner, voorlopig bewindvoerder bij waardentransporteur Brink’s, vreest dat een overname door het Zweedse Loomis "meer en meer onrealistisch wordt gezien hun eisen".

De banken, 70% van Brink’s cliënteel, kunnen Loomis niet de gevraagde garanties geven inzake prijzen en omzet, zegt Zenner vrijdagochtend.

Donderdagavond hadden de voorlopige bewindvoerders Zenner en Gérard Delvaux een vergadering met de banken die klant zijn bij Brink’s: ING, BNP Paribas Fortis en Bank van de Post. Zij herhaalden hun wens om een tweede speler te behouden op de markt van het geldtransport. Als Brink’s wegvalt, dreigt immers een monopolie voor G4S waardoor de banken hogere prijzen en een slechtere dienstverlening vrezen.

"Desondanks kunnen de banken Loomis niet de garanties geven die het vroeg inzake prijzen en omzet", zegt Zenner. Zo eist Loomis garanties op een omzetstijging tot 28 miljoen euro per jaar waar dit nu 23 miljoen euro is "en de omzet sinds 2 november in dalende lijn zit aangezien de banken oplossingen hebben moeten vinden om de effecten van het tekortschieten van de diensten van Brink’s (door de staking, red) te verzachten".
De banken zeiden ook dat ze in de komende maanden eerst de kwaliteit van de door het bedrijf aangeboden dienstverlening willen vaststellen vooraleer ze een prijsverhoging zouden aanvaarden.


Vandaag zullen de banken hun antwoorden op Loomis’ vragen overhandigen, maar volgens Zenner zal het waarschijnlijk niet volstaan voor de Zweden. De voorlopige bewindvoerders zullen vrijdag een nieuw businessplan opstellen op basis van de door de banken gegeven garanties. Dat moet dienen om nieuwe overnamekandidaten aan te trekken.
Voorlopig blijven de twee bewindvoerders voortwerken in het huidige kader. Maandag behandelt de Brusselse rechtbank van koophandel het dossier. Mogelijk wordt dan het faillissement uitgesproken. De zitting is voorzien om 9 uur.