De Vlaamse mestbalans was in 2009 voor het derde jaar op rij in evenwicht, maar er blijven maatregelen nodig om de waterkwaliteit te verbeteren. Dat blijkt uit het Voortgangsrapport 2010 van de Mestbank, dat Vlaams minister van Leefmilieu Joke Schauvliege zaterdag voorstelde op de landbouwbeurs Agriflanders in Gent.

De Vlaamse Landmaatschappij wijst onder meer op de inspanningen op het vlak van nutriëntenarme voeders, mestverwerking en export.

'Een groot deel van de daling van de uitstoot is toe te schrijven aan het gebruik van nutriëntenarme voeders', zei minister Schauvliege. 'Zij doen ook de druk op de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater afnemen. De daling wijst op de impact en de efficiëntie van het veevoederconvenant.'

Schauvliege ondertekende zaterdag een nieuwe overeenkomst met Bemefa, de Vereniging van Mengvoederfabrikanten, en de Vereniging van Zelfmengers over de productie van nutriëntenarme voeders voor varkens en pluimvee. De overeenkomst geldt nu vier jaar in plaats van één jaar.

De Mestbank stelt wel dat er verdere maatregelen nodig zijn om het evenwicht op de mestbalans te vertalen in een verbetering van de waterkwaliteit. In het winterjaar 2009-2010 werden opnieuw meer meetpunten waargenomen met een overschrijding van de nitraatnorm dan in het winterjaar 2008-2009. Het nieuwe Vlaamse actieprogramma 2011-2014, dat invulling geeft aan de Nitraatrichtlijn, moet volgens de Mestbank de waterkwaliteit in de komende vier jaar nog substantieel verbeteren.

Bond Beter Leefmilieu en Natuurpunt menen dat de de huidige bemestingsnormen onvoldoende afgestemd zijn op een goede waterkwaliteit. 'Het nieuwe Mestactieplan, waarover de Vlaamse regering momenteel met Europa onderhandelt, moet deze misser rechtzetten', eist Linn Dumez van Bond Beter Leefmilieu. 'Ook controle van de naleving van die normen is noodzakelijk. Hoewel het totale mestgebruik binnen de normen blijf, is het aantal bedrijven met ernstige overschrijding van de bemestingsnormen nog steeds aanzienlijk.'