In de nota Vande Lanotte staat een uitgebreid hoofdstuk politieke vernieuwing. Het vertrouwen tussen de burger en de politici moet hersteld worden. Bovendien, schrijft Vande Lanotte, ‘kunnen we van de burgers in tijden van economische crisis geen offers vragen als we niet zelf het goede voorbeeld geven door te besparen.’

De nota bepleit daarom een beperking van het aantal federale parlementsleden en een vermindering van de extra vergoedingen die parlementsvoorzitters, commissievoorzitters en bureauleden krijgen. De pensioenregeling voor parlementsleden wordt opnieuw bekeken, net als de verplaatsingsvergoedingen en de royale uittredingsvergoedingen. Zo wordt de uittredingsvergoeding (wat parlementsleden krijgen als ze niet herkozen worden) voortaan geïnspireerd door de opzegvergoeding die bedienden krijgen als ze worden ontslagen.

Minder vakantie

De zomervakantie wordt ingekort. Voortaan begint het parlementaire jaar opnieuw op 15 september in plaats van, zoals nu, de tweede dinsdag van oktober.

Belangrijk is dat de Kamer en de Senaat voortaan verkozen worden voor een periode van vijf jaar, net zoals de parlementen van de deelstaten. In principe kunnen er geen vervroegde verkiezingen komen, waardoor de federale en Vlaamse verkiezingen voortaan altijd zullen samenvallen. Een vervroegde ontbinding van kamer en senaat kan maar als tweederde van de leden daartoe beslist.

Nieuwe senaat, kleinere regering

In zijn nota stelt Johan Vande Lanotte voor de Senaat drastisch te hervormen. Hij maakt een einde aan de rechtstreekse verkiezing van 40 senatoren zoals we dat tot nu toe gewoon zijn (25 Nederlandstaligen, 15 Franstaligen).

De enige Senatoren die zullen overblijven zijn gemeenschapssenatoren. Dat zijn leden van het Vlaams parlement en van de Franse Gemeenschap die worden aangeduid om naast hun regionaal mandaat - ook senator te zijn. Zij krijgen daar geen aparte bezoldiging voor.

Het spreekt voor zich dat de Senaat in zijn nieuwe samenstelling minder zal samenkomen dan nu. Zijn bevoegdheden worden sterk ingeperkt. Zo wordt het voor de Senaat veel moeilijker om wetten die door de Kamer zijn goedgekeurd, naar zich toe te trekken voor een tweede lezing. Dat zal pas kunnen als een meerderheid in beide taalgroepen dat vraagt, of als een tweederde meerderheid in één taalgroep dat vraagt.

In de nota Vande Lanotte is daarnaast ook sprake van een kleinere federale regering. Logisch ook: de nieuwe federale regering zal minder bevoegdheden hebben dan de huidige.

Geen schijnkandidaten meer

De nota heeft ook een behoorlijk ethisch luik en wil zo een einde maken aan het vaak voorkomend verschijnsel van de schijnkandidaten: Vlaamse ministers die bijvoorbeeld deelnemen aan federale verkiezingen, verkozen worden en dan toch gewoon Vlaams minister blijven.

De belangrijkste maatregel tegen dit lijstjeshoppen wordt natuurlijk het feit dat alle verkiezingen in principe gaan samenvallen vanaf 2014.

Toch wordt het ook wettelijk vastgelegd. Zo zullen politici verplicht worden te zetelen in de assemblee waar ze het laatst verkozen werden. Deelnemen aan de Europese verkiezingen én de Vlaamse kan ook niet meer. Net zo min kan het, na 2014, dat politici kandidaat zijn voor de Vlaamse en de federale verkiezingen tegelijkertijd.

De opvolgers blijven in de nota-Vande lanotte behouden. Maar tegelijkertijd kandidaat en kandidaat-opvolger zijn, kan niet meer.

Er komt voorts ook een deontogische code voor parlements- en regeringsleden. Daarnaast is er sprake van een cumulverbod tussen een schepen- en burgemeesterambt enerzijds en enkele parlementaire functies anderzijds (voorzitter, commissievoorzitter, quaestor...).

De wetgeving op overheidsopdrachten wordt strenger om belangenvermenging tegen te gaan. Daarnaast wordt bij de federale ambtenarij het beschermde statuut ingevoerd voor klokkenluiders (ambtenaren die mogelijke fraude aankaarten).

Opmerkelijk is ten slotte dat de nota aan Vlaanderen en aan het Waals en Brussels gewest de mogelijkheid geeft om volksraadplegingen te organiseren.

Koningshuis

Voor het koningshuis staat er ook belangrijk nieuws in de nota. Zo wil de nota de aanbevelingen volgen die de Senaat eerder formuleerde en de dotaties aan de leden van het koningshuis sterk beperken.

Voortaan zal naast de koning en de koningin enkel nog de kroonprins(es) recht hebben op een dotatie. De andere kinderen van het koningspaar krijgen geen dotatie meer. Ook weduwes of weduwnaars van overleden vorsten, hebben recht op een dotatie. Die mag evenwel niet hoger liggen dan de dotatie voor de kroonprins(es).

 

Voor de dotatie van prinses Astrid en prins Laurent wordt een uitdoofscenario uitgewerkt.

 

Je wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld je aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig