Een aidsvrije generatie is mogelijk, indien we ons concentreren op de meest achtergestelde gemeenschappen die getroffen worden door hiv/aids. Dat stelt Unicef, de kinderrechtenorganisatie van de VN, dinsdag in een rapport gepubliceerd naar aanleiding van Wereldaidsdag, 1 december.

Het rapport 'Children and aids: Fifth Stocktaking Report, 2010', gezamenlijk voorbereid door Unicef, de WHO, UNAIDS, UNFPA en de Unesco, geeft een overzicht van de interventies ter bescherming van moeders en kinderen en stelt een actieplan voor.

In sommige landen is er een aanzienlijke vooruitgang op het vlak van het voorkomen van de overdracht van hiv/aids van moeder op kind. 'In de lage- en middeninkomenlanden kreeg 53 procent van de zwangere vrouwen met hiv in 2009 een antiretrovirale behandeling om de overdracht van moeder op kind tegen te gaan. In 2005 was dat 15 procent', luidt het.
      
Unicef-directeur Tony Lake benadrukt dat er duidelijke bewijzen zijn dat de overdracht van moeder op kind helemaal weggewerkt kan worden. 'Om dat doel te bereiken, moeten we in de eerste plaats voor een betere preventie zorgen bij vrouwen en moeders. De meest kwetsbare gemeenschappen moeten bereikt worden', aldus Lake, eraan toevoegend dat in Afrika beneden de Sahara dagelijks duizend baby's door hun moeder met het hiv-virus besmet worden.
      
Uit het rapport blijkt ook dat een sterk verband bestaat tussen armoede, gezondheid van moeder en kind en hiv, en dat er betere methodes bestaan om een diagnose te stellen bij kinderen en meer mogelijkheden om hen te behandelen. die zijn evenwel nog te weinig verspreid.