Zenuwen op obligatiemarkt staan gespannen
Een trader op de aandelenbeurs van Frankfort. Foto: EPA/Belga
De langetermijnrente op staatspapier gaat woensdag in stijgende lijn. Vooral Ierland, maar ook Spanje, Portugal en Griekenland staan onder druk. Europees president Herman Van Rompuy probeerde vanochtend nog de gemoederen te bedaren.

De rust die op de obligatiemarkt was teruggekeerd na het Europese reddingsplan voor Ierland blijkt van korte duur. Dat de onrust opnieuw in de markt is geslopen, uit zich in stijgende rentes voor obligaties van landen met een hoge schuldenlast.

De langetermijnrente (10 jaar) op Ierse overheidsobligaties steeg vandaag met 27 basispunten, waarmee de rente op 8,507 procent uitkomt. Dat is meer dan driemaal zoveel als de rente op Duitse staatspapier, waar de langetermijnrente rond de 2,6 procent draait.

Voor Portugese obligaties stijgt de rente meer dan tien basispunten, voor de Griekse met 15 punten. De Spaanse rente stijgt net geen tien basispunten en flirt nu met de grens van 5%.

Ook de Belgische rente stijgt, net als in alle andere Europese landen, maar niet in dezelfde mate als de Ierse, Griekse, Portugese of Spaanse rente.

Intussen herhaalt de Duitse kanselier Angela Merkel haar oproep aan de andere Europese landen om de markten mee te laten betalen voor toekomstige financiële reddingsoperaties. De politiek moet de moed hebben om de markten grenzen op te leggen, aldus de Duitse regeringsleider.
 

Van Rompuy

De permanente voorzitter van de Europese raad, Herman Van Rompuy, probeerde vanochtend nog de zorgen over Portugal te sussen. 

"Ik heb vaak de indruk dat we ons in het debat over de crisis van vijand vergissen", zei Van Rompuy in het Europees Parlement. "Al te vaak worden de pijlen gericht tegen de nationale regeringen, maar verschillende EU-lidstaten treffen moedige maatregelen, vaak tegen de wil van de meerderheid in."

Zo nam Van Rompuy expliciet de verdediging van Portugal op zich. "Het begrotingstekort bedroeg er vorig jaar 9,3 procent. Volgend jaar zou het zakken tot 7,3 procent, om in 2011 naar 4,6 procent te gaan. Bovendien bedraagt de gemiddelde rente op de staatsschuld er 3,6 procent, wat laag is."

In Ierland zit vooral de bankensector in de problemen, nadat de kolossale vastgoedzeepbel er was gesprongen. Zo’n scenario zit er voor Portugal evenwel niet aan te komen, zei Van Rompuy. "Dit land ken geen immobiliëncrisis, de financiële sector is er niet te groot en de banken zijn er goed gekapitaliseerd."

Spanje

De Spaanse minister voor Economie José Manuel Campa probeert vandaag dan weer de aandacht van de markt voor zijn land af te leiden. Campa zegt in de krant El Pais  dat er een "diepe kloof" ligt tussen de economische situaties van Spanje en Ierland. 

"Ik denk niet dat er op de markten twijfel bestaat over het feit dat wat we aan het doen zijn (op het gebied van besparingen) voldoende is", aldus Campa. "Wat er gebeurt is dat er een grote volatiliteit bestaat op korte termijn, verbonden aan uitzonderlijke situaties (...)."

De Spaanse socialistische regering benadrukte de voorbije dagen herhaaldelijk dat Spanje niet het slachtoffer zou worden van een besmetting door Ierland. Toch duiden experts op de zwakheden van de Spaanse economie, met nulgroei, een werkloosheidsgraad van 20 procent (de hoogste binnen de eurozone) en hervormingen die niet ver genoeg zouden gaan om de vooropgestelde besparingsdoelstellingen te halen.