In het westen van Hongarije wordt zondag hard gewerkt om een nieuwe dam te bouwen rond het waterreservoir van een aluminiumfabriek. De instorting is een kwestie van dagen.

Er zijn voorlopig geen nieuwe lekken in het reservoir, maar de ingenieurs vrezen dat de noordelijke wand het elk moment kan begeven. Ook staatssecretaris van Milieu Zoltan Illes heeft bevestigd dat het reservoir onherstelbaar is en dat het een kwestie van tijd is vooraleer het hele bouwwerk instort.

Daarom wordt een dam van 400 meter opgeworpen om te vermijden dat het dorp Kolontar onder een nieuwe laag slib terechtkomt. Daarna is het wachten tot de smurrie in een nieuwe, tijdelijke, opslagplaats kan worden gepompt.

Na de ontdekking van scheuren in de noordelijke muur van het reservoir werden alle achthonderd inwoners van het stadje Kolontar geëvacueerd. De zesduizend inwoners van het nabijgelegen Devecser is verteld zich voor te bereiden op een mogelijk vertrek.

Eerder deze week barstte het reservoir open, waarna honderdduizenden kubieke meters giftige rode slib vrijkwamen. Een gebied van 41 vierkante kilometer werd bedekt door de rode smurrie. Zeven mensen kwamen om. Het lek werd met in alle haast opgerichte dammen gedicht.

Het rode slib is een afvalproduct van het productieproces om aluminium te vervaardigen. Als de slib opdroogt, blijft er een grotendeels onschadelijke rode klei over, maar de drab in Kolontar leek onvoldoende te zijn behandeld, waardoor een bijtende smurrie uit het reservoir weglekte.

Maandag stroomden drie dorpen in de omgeving over. Mensen en dieren liepen hierbij brandwonden op. Zeker zeven personen verloren het leven. Donderdag stroomde het slib de Donau in, waar de drab door de grote hoeveelheid water vrijwel onschadelijk werd gemaakt.