Koning Albert heeft het ontslag van Elio Di Rupo als preformateur aanvaard. Hij heeft Kamervoorzitter André Flahaut (PS) en Senaatsvoorzitter Danny Pieters (N-VA) de opdracht gegeven om te bemiddelen om de regeringsonderhandelingen opnieuw op te starten.

Koning Albert ontving vrijdagavond en zaterdag de partijvoorzitters van de zeven partijen die deelnamen aan de onderhandelingen. CD&V-voorzitter Wouter Beke kwam vrijdagavond als eerste aan de beurt. Zaterdag kwamen achtereenvolgens CDH-voorzitster Joëlle Milquet, SP.A-voorzitster Caroline Gennez, co-voorzitter van Ecolo Jean-Michel Javaux en Wouter Van Besien, voorzitter van Groen!

De Wever als laatste partijvoorzitter

Rond 18.30 uur was het de beurt aan N-VA-voorzitter Bart De Wever voor een onderhoud met de koning. Opvallend, want normaal gezien is de grootste partij eerst aan de beurt. De Wever gaf na afloop geen commentaar.

Flahaut en Pieters moeten bemiddelen

Nadat De Wever het kasteel had verlaten, reden rond acht uur onverwachts de Kamer- en Senaatsvoorzitter binnen. Iets voor tien uur kwam de mededeling van het paleis dat Flahaut en Pieters belast zijn met bemiddelingsopdracht 'om de onderhandelingen voor de vorming van de regering opnieuw op te starten'.

'Dit is noodzakelijk om het economische en sociale welzijn van de burgers te vrijwaren en om onze instellingen op een duurzame wijze te hervormen', zo luidt het.

De gesprekken in het paleis zaten er hierdoor op. Ook zondag wordt er niet meer afgesproken in Laken.

Respijt voor Di Rupo en De Wever

Met de aanstelling van Flahaut en Pieters blijven de twee grootste partijen van het land, PS en N-VA, aan zet, maar krijgen hoofdrolspelers Di Rupo en De Wever even respijt. Het is nu aan de Kamer- en Senaatsvoorzitters om het vertrouwen te herstellen. Flahaut en Pieters gaven zaterdagavond geen enkele commentaar.

Brussel is struikelblok

De koning startte vrijdagavond met de consultatieronde nadat preformateur Di Rupo voor de tweede keer zijn ontslag had aangeboden.

De onderhandelingen liepen vast op de herfinanciering van Brussel. Di Rupo legde een ultiem voorstel op tafel waarin 250 miljoen euro onmiddellijk naar Brussel zou gaan. Via een herziening van de financieringswet zou het mogelijk zijn om nog eens 250 miljoen euro naar de hoofdstad te laten stromen. Maar ook dat voorstel stootte op een njet van N-VA en CD&V.

Een cruciale passage in de tekst is dat die eerste 250 miljoen jaarlijks terugkeert. Voor CD&V en N-VA was dat absoluut onaanvaardbaar.