Slechts één op de tien slachtoffers van een misdrijf krijgt slachtofferhulp aangeboden. Minstens 90.000 anderen blijven in de kou staan, zo staat Gazet van Antwerpen en Het Belang van Limburg.

Elk slachtoffer dat contact had met de dader van een misdrijf of iedereen die slachtoffer is van een woninginbraak, heeft recht op psychologische bijstand.
In de praktijk komt daar weinig van in huis.

De dertien diensten voor slachtofferhulp in Vlaanderen hebben vorig jaar 9.990 mensen opgevangen; 2.228 slachtoffers zijn uiteindelijk begeleid.

'Minstens 90.000 mensen krijgen geen hulp. De doorverwijzing bij de politie zit nog niet goed. Slachtoffers krijgen gebrekkige informatie over hulpverlening', zegt Kris De Groof van het Steunpunt Algemeen Welzijnswerk.

Nochtans is er bij de politiediensten de voorbije jaren hard gewerkt om daar verbetering in te brengen. 'Inspecteurs leveren betere processen-verbaal af, ze nemen hun slachtoffers ernstig als ze aangifte doen en de meeste korpsen hebben een slachtofferbejegenaar voor de eerste opvang. Alleen: door de drukte schiet informatieverstrekking over de nabehandeling er vaak bij in', aldus De Groof.

Het Steunpunt Algemeen Welzijnswerk denkt na over acties om slachtofferhulp beter bekend te maken bij het grote publiek.