Goldfrapp
Foto: koen bauters
Alison Goldfrapp ziet eruit als een Marilyn Monroe from hell. Een dikke glittercape die opwaait boven een windmachine, wilde lokken die als vlammen uit haar schedel schieten. Ze is een moordlustige sirene die ons de verdoemenis wil inlokken.

Met in zilveren glitterpakken gewurmde muzikanten (op oa. keytar, elektrische viool en synths) loodst ze ons door de eightiessound van haar laatste album Head First.

'Dreaming', bijvoorbeeld, klinkt prachtig: loepzuiver gezongen, met warme keyboardlaagjes als fond en een dikke pulserende synthbas die de groove uitstippelt.

'Believer' schippert tussen Kim Wilde en Berlin, met zijn vlakke, harde keyboardklank en Goldfrapps zweverige zang.

De synthdisco van 'Alive' schalt wel erg hard door de boxen, als een soundtrack bij een verplichte aerobicsles.

De successingle 'Rocket' zit vroeg in de set en klinkt geweldig. Straf hoe Goldfrapp haar speelse eightiespersiflages zo krachtig en feestelijk laat klinken.

De elektronummers uit Goldfrapps eerdere platen sluiten keurig aan bij het nieuwe werk. Het stomende 'Train' trekt het feestje in de Marquee goed op gang. De machinale funk van 'Strict machine' en het sexy 'Ooh la la' zetten Goldfrapps kinky retrofuturisme mooi kracht bij.

Een gestileerde, vrij sobere popshow. Dodelijk efficiënt.