Vragen over WikiLeaksdocument
Foto: belga
Het ministerie van Defensie bevestigt dat een aantal Belgen wel degelijk actief zijn geweest in de provincie Uruzgan, in het gevaarlijke zuiden van Afghanistan. Opvallend is dat het niet gaat om de Belgische ontmijners waarvan sprake is in de documenten die uitlekten op Wikileaks.

Uit de documenten over de Isaf-operaties in Afghanistan die eerder deze week uitlekten, was gebleken dat in november 2007 Belgische ontmijners naar onveilig gebied zouden zijn gestuurd in de provincie Uruzgan. Ze zouden speciaal zijn overgevlogen uit het noordelijker gelegen Kunduz om een missie uit te voeren.

Maar de details van het militaire document - het gaat over één fiche van de ruim 70.000 documenten - lijken niet te kloppen. Zo zouden de ontmijners zich op enkele minuten tijd van Kunduz (370 km noordelijker) naar Tarin Kowt verplaatst hebben, om nadien op nauwelijks 22 minuten weer terug te keren.

Ingrid Baeck, de woordvoerster van het ministerie van Defensie, ontkent de missie van de ontmijners aan De Standaard Online. 'Ik kan u formeel bevestigen dat er op 7 november 2007 geen ploeg ontmijners onder Belgisch bevel naar Tarin Kowt in Uruzgan is gevlogen', zegt Baeck. 'Het is wel mogelijk dat Belgen betrokken waren bij een korte opdracht in Uruzgan. In dat geval gaat het om Belgen die rechtstreeks verbonden zijn aan het Isaf-hoofdkwartier. Permanent gaat het om zo'n twintig tot veertig landgenoten.' In totaal verblijven er zo'n 575 Belgische militairen in Afghanistan.

Baeck wijdt de ongelukkige communicatie - op Radio 1 bevestigde ze de operatie in Uruzgan en even later op tv ontkende ze - aan de verwarring tussen de Belgische troepen en de Belgen die verbonden zijn aan het Isaf-hoofdkwartier.

'De opdrachten van de militairen verbonden aan het Isaf-hoofdkwartier worden wel altijd eerst goedgekeurd door ofwel het ministerie van Defensie, ofwel de minister van Defensie zelf of door de voltallige ministerraad', zegt Baeck.

Noch toenmalig minister van Defensie André Flahaut, noch luitenant-generaal Frédéric Vandingenen (ex-chef operaties) herinnert zich iets van een dergelijke missie waarbij ontmijners waren betrokken.

Minister van defensie Pieter De Crem (CD&V) verklaarde in het Journaal dat het incident dateerde van voor zijn ambtstermijn, maar dat hij er van overtuigd is dat als de actie heeft plaatsgevonden, ze  werd doorgesproken met alle bevoegde instanties.

'Communicatiebeleid is veranderd'

Een ander incident zou door Defensie minder ernstig zijn voorgesteld. Bij een aanval tegen een Belgische patrouille in juni 2009 zou wel degelijk een Belg licht gewond geraakt zijn. Bovendien zouden de Belgen zich moeten terugtrekken hebben omdat ze geen munitie meer hadden.

Volgens Baeck heeft minister van Defensie Pieter De Crem wel gecommuniceerd over dit incident in de bevoegde commissie en in de Kamer.  'Het is wel zo dat niet alle informatie toen onmiddellijk publiek bekend is gemaakt, enerzijds omdat kort na zo'n incident niet alle gegevens bekend zijn en anderzijds omdat  een deel van die gegevens absoluut vertrouwelijk zijn', zegt Baeck.

Baeck benadrukt verder dat Defensie na dit incident een ander communicatiebeleid is gaan voeren. Volgens De Crem was de militair slechts licht gewond geraakt aan de arm of elleboog en is hij zelfs niet teruggevlogen naar België. De woordvoerster betreurt verder dat de informatie op het internet is verschenen. 'Dat is onverstandig want het is een beetje spelen met de veiligheid van onze mensen ter plaatse.'