De zonen van Patrice Lumumba, de eerste premier van het onafhankelijke Congo, willen een rechtszaak aanspannen tegen de Belgische staat. Ze eisen opheldering over de omstandigheden van de moord op hun vader in januari 1961.

Lumumba's zonen spreken over oorlogsmisdaden, en krijgen de steun van verschillende mensenrechtenorganisaties. Onder de groep aanvragers bevinden zich ook advocaten, de decaan van de Vrije Universiteit Brussel en een historicus wiens werk de inleiding vormde tot een parlementair onderzoek naar de moord op Patrice Lumumba.

In 2002 bood België officieel zijn verontschuldigingen aan voor zijn rol in de liquidatie van Lumumba nadat onderzoek had uitgewezen dat het land 'moreel verantwoordelijk' was voor zijn dood.

Lumumba's dood in de maanden na de onafhankelijkheid van Congo bracht een schok teweeg in de wereld. Na zijn dood nam de door het Westen gesteunde Mobutu Sese Seko aan de macht. Aan zijn dictatuur kwam pas in 1997 een einde toen hij werd afgezet.