'Ik heb een moord gepleegd, ik wil hier weg'
Foto: ap
De Nederlander Joran van der Sloot (22) heeft een volledige verklaring afgelegd over de moord op Stephany Flores. 'Ze sloeg me toen ik vertelde over de zaak-Holloway. Ik reageerde impulsief door terug te slaan en dan was er overal bloed.'

'Op 30 mei, rond 2 uur 's nachts, was ik wat aan het pokeren in een casino in Lima (Peru) toen Stephany bij me aan tafel kwam zitten. We hebben daar nog zo'n twee à drie uur gekaart en dan zijn we samen vertrokken naar het hotel waar ik logeerde.'

'We kwamen dan rond half zes aan in mijn hotel, waar we wat pokerden op onze laptop. Toen ik mijn mailbox opende en een mailtje zag waarin stond mongooltje, ik ga je vermoorden ben ik over de zaak-Holloway beginnen te praten. Toen gaf Stephany me een klap.'

'Impulsief'

'Ik reageerde impulsief door haar met mijn rechterelleboog een klap op haar neus te geven. Er was overal bloed. Ze leek buiten bewustzijn.'

'Ik was zo kwaad dat ik haar met beide handen wurgde, een minuut lang. Toen besefte ik pas wat ik aan het doen was. Ik ben dan beginnen na te denken over wat ik moest doen. Er zat bloed op mijn overhemd en op het bed. Toen pakte ik mijn overhemd en drukte ik het tegen haar gezicht tot ze dood was.'

'Daarna wilde ik zo snel mogelijk het hotel uitvluchten. Maar ik wist niet waar naartoe. Ik heb zo'n vijf minuten rondgereden en dan heb ik een taxi naar vliegveld Jorge Chavez genomen. Maar toen bedacht ik dat ik beter niet met het vliegtuig kon gaan en heb ik een andere taxi genomen, naar de andere kant van de stad.'

'Zo heb ik enkele steden afgeschuimd tot ik besloot om er met een taxichauffeur over te praten. Ik heb een moord gepleegd, ik wil Peru uit, zei ik. Wacht tot we in de volgende stad zijn, antwoordde hij. Misschien is het beter dat je een bus pakt. Maar dat wilde ik niet. Je hebt me gezegd dat je me naar Chili zou brengen. Doe dat dan ook, beval ik hem. Rustig, we gaan eerst iets eten, was zijn antwoord.'

Chili

'Toen de man zijn vrienden aankwamen, vroegen ze me 1.500 dollar voor de rit. Ik ging ermee akkoord en we reden naar Chili.'

'Daar overnachtte ik in een hotelletje, waar ik me de naam niet van herinner. Twee dagen later, op 2 juni, zag ik dat mijn foto in de krant stond en dat ze een Nederlandse moordenaar zochten. Ik vroeg aan een taxichauffeur om me naar een politiebureau te brengen. Daar heb ik verteld dat ik gelezen had dat de Peruaanse politie me zocht voor moord. De agenten keken me eens raar aan en zeiden me dat ik naar een ander bureau moest waar ze er wel iets van wisten.'

'Iets later ben ik dan naar het hoofdbureau in Santiago vertrokken, maar nog voor ik er aankwam, had de politie mij al onderschept. Ze legden me uit dat ik niet gearresteerd was? Dat ik mocht doen wat ik wilde. Totdat ik te horen kreeg dat Peru om m'n uitlevering vroeg.'

'Dat wilde ik natuurlijk niet, maar ik had daar niets over te vertellen. Ik vroeg of ik niet aan Nederland uitgeleverd kon worden. Ze gingen dat bekijken, maar ze zouden me het land eerst uitzetten, naar Peru.'