Peter Vandermeersch schrijft in De Standaard dat als de vraag om een staatshervorming nu genegeerd wordt, dat "eenvoudig weg het recept voor het einde van België" is.

"Hoe belangrijk de persoon De Wever ook moge zijn voor zijn partij, het zou te simplistisch zijn om het succes van de N-VA alleen aan hem toe te schrijven.

Een heel groot deel van de Vlamingen wil een grondige hervorming van de staat en gelooft niet langer in de kwakkelende Belgische structuren. In 2007 boekte Yves Leterme zijn overwinning al op de golven van dezelfde maatschappelijke en ideologische stromingen.

Dat Leterme, onder meer door de weigering van de Franstaligen om te onderhandelen, er niet in slaagde om ook maar een begin te maken met de beloofde hervorming van de staat, heeft het electorale bedje van de N-VA enkel verder helpen spreiden."

Voor Vandermeersch ligt de hervorming nu in handen van twee mensen: Bart De Wever in het noorden en Elio Di Rupo, de grote overwinnaar in Franstalig België, in het zuiden. "Vinden beiden elkaar, dan kunnen ze beiden doen waar ze in essentie van dromen: een belangrijke plaats veroveren in de geschiedenisboeken van dit land door het maken van een breed compromis."

Liesbeth Van Impe in Het Nieuwsblad wijst op de verantwoordelijkheid van De Wever.

"De Wever zal zijn dromen moeten afwegen tegen wat realistisch is. Hij zal emotionele intelligentie aan de dag moeten leggen naar de Franstaligen toe. En hij zal het leiderschap moeten opnemen. De andere partijen zullen even de armen kruisen om te zien wat hij ervan bakt. Hij kan dat vervelend vinden, maar dat is tegelijk ook de wil van de kiezer. De Wever zal vooral niet mogen vergeten dat ook de verkiezingen in Wallonië een duidelijke winnaar opgeleverd hebben. Met de PS zijn zaken te doen, maar binnen bepaalde grenzen. Het zijn de winnaars die een akkoord zullen moeten sluiten. Anders zullen we snel terug naar de stembus moeten en dat zou eigenlijk niet verantwoord zijn."

Van Impe stelt verder dat er niet alleen druk uitgaat van de kiezers of de achterban, maar dat er ook nog de crisis is. "In die context zal De Wever dus moeten werken. Is ook hij een leerling-tovenaar die gedoemd is te mislukken? Dat zal moeten blijken. Het is alvast de eerste keer dat we een leerling-tovenaar krijgen die het misschien niet zo erg vindt als het hele laboratorium de lucht ingaat."

Volgens Eric Donckier van Het Belang van Limburg zijn er drie goede redenen om aan te nemen dat deze verkiezingsuitslag het mogelijk maakt om relatief snel een regering te vormen en een akkoord te sluiten over de staatshervorming.

"Met deze uitslag kan men gemakkelijk een afspiegelingsregering vormen met in de federale regering dezelfde partijen als deze die nu reeds de regionale regeringen vormen. Dat betekent aan Vlaamse zijde N-VA, CD&V en sp.a en aan Franstalige zijde PS, cdH en Ecolo. Een afspiegelingsregering vergemakkelijkt de gesprekken tussen het federale en het regionale niveau, een voorwaarde om een akkoord over de staatshervorming te kunnen sluiten."

Ook het feit dat in zo’n afspiegelingsregering geen plaats is voor de liberalen, en dus ook niet voor MR en Oliver Maingain, stelt Donckier hoopvol. Ten slotte is het belangrijk dat er normaal vier jaar lang geen verkiezingen meer zijn.

"Dat maakt het gemakkelijker om een akkoord - inclusief toegevingen - te sluiten omdat men het niet meteen moet verdedigen bij de kiezer en men niet meteen kan worden afgestraft. Na vier jaar is iedereen die toegevingen vergeten. En indien het ondertussen sociaal-economisch iets beter gaat, kan die regering zelfs beloond worden."
 

Voor Yves Desmet in De Morgen is de verkiezingsuitslag "historisch". Nooit eerder - zelfs niet op Zwarte Zondag - heeft zich dergelijke stemmenverschuiving voorgedaan. De Wever heeft een nieuwe, brede centrumpartij opgebouwd, en er tegelijk voor gezorgd dat de drie klassieke partijen niets eens meer de helft van de zetels meer halen, terwijl het Vlaams nationalisme terug in de democratie is terecht gekomen.

Maar, waarschuwt Desmet, de uitslag plaats Bart De Wever ook voor een enorme verantwoordelijkheid en een verscheurende keuze. Hij kan op zoek gaan naar een tweederdemeerderheid die een grote staatshervorming en de splitsing van BHV kan realiseren met Elio Di Rupo als premier; of hij kan kiezen voor de verrottingsstrategie en de boel blokkeren als grootste fractie en lid van de Vlaamse regering.

Pieter Blomme wijst in De Tijd op de ironie van het lot: "In 2007 voerde de N-VA nog campagne tegen Elio Di Rupo met de slogan: ’Laat je niet strikken’. Nu moet Bart De Wever aan tafel gaan zitten met Di Rupo om een federale regering te vormen".

Voor Blomme heeft de stembusgang een aardverschuiving veroorzaakt. Voor het eerst in de geschiedenis is een Vlaams-nationalistische partij de grootste partij van Vlaanderen.

De bal ligt voor het eerst in het kamp van de Franstaligen, die beseffen dan communautair surplacen geen optie is. Maar PS en N-VA hebben, buiten het feit dat ze de grootste zijn, weinig gemeen.

De Wever zal voor Pieter Blomme moeten bewijzen dat hij aanvangt met zijn monsteroverwinning. Als hij mislukt, dreigt hij in hetzelfde sukkelstraatje te eindigen als de winnaar van 2007 en 2009: de CD&V van Yves Leterme.

Luc Van der Kelen doopt 13 juni in Het Laatste Nieuws om in "zwartgele zondag", de dag dat de drie traditionele partijen werden voorbijgestoken door een nationalistische partij die tien jaar geleden niet bestond.

Van der Kelen is erg hard voor Yves Leterme en zijn strategie van ’vijf minuten politieke moed’: "Marianne Thyssen kreeg alle shit van de uittredende premier over zich heen in de campagne en werd weggeblazen".

De Vlaamse kiezer had geen oren naar het besparingsverhaal van Alexander De Croo, hij of zij luisterde amper naar het sociale verhaal van de socialisten, om nog niet te spreken van de anti-islamisten van Vlaams Belang.

Voor Van der Kelen gaat het om een zeer krachtig signaal voor het zuiden van het land: "Nog eens zo drie jaar en De Wever en co. hebben de absolute meerderheid." Alle partijen moeten goed beseffen dat ze nog één kans hebben: stoppen met neen zeggen, ophouden met exclusieven stellen, aan tafel gaan en het uitpraten onder grote mensen.