Gentse verpleger doodde vanuit 'oneerlijkheidsgevoel'
Foto: belga
Kurt Dobbelaere, de 45-jarige verpleger die beschuldigd wordt van viervoudige moord en een moordpoging in het rusthuis Privilege in Gent, zegt dat hij in de eerste plaats 'vanuit een oneerlijkheidsgevoel' handelde.

'Ik vond het niet eerlijk dat ik mensen verloor - mijn moeder op 55-jarige leeftijd - terwijl iemand van hoge leeftijd nog ligt af te zien. Ik doodde voor een deel om de slachtoffers te helpen, maar ik was vooral ontgoocheld dat mensen dicht bij mij me ontvallen waren', verklaarde hij maandag voor het Gentse hof van assisen.

Depressie

Dobbelaere verklaarde verder dat hij al van bij zijn jeugd kampte met een manische depressie. 'Toen ik 15 of 16 jaar oud was kreeg ik antidepressiva voorgeschreven. Ik voelde me niet goed en had problemen op school.'

In zijn getuigenis over zijn jeugd en zijn relaties vormden de moeder van Dobbelaere telkens de rode draad. 'Mijn moeder wou me eigenlijk niet afgeven', zei Dobbelaere. 'Ik was een zeer volgzaam kind en heb mezelf niet kunnen ontwikkelen. Ik wou kapper worden net als mijn ma maar dat mocht niet. Ik heb een aantal serieuze relaties gehad, maar mijn moeder vond ze niet goed. Ook in mijn werk volgde ik haar. Toen ze ziek werk ben ik zelfstandige verpleger geworden om haar te verzorgen. Pas de laatste twee weken voor haar dood liet ze me meer toe in haar leven. Ze is gestorven op 55-jarige leeftijd.'

'Veel spijt'

Dobbelaere erkende dat hij zelf het idee bedacht van de opdrachtgevende stem van zijn moeder. 'Ik kon niet aanvaarden dat ik manisch depressief was en wou de verantwoordelijkheid afschuiven'. De beschuldigde erkende dat hij de bedoeling had zijn slachtoffers te doden. Het eerste slachtoffer omschreef hij als 'een plantje', waarmee hij medelijden had. 'Het was echter vooral het oneerlijkheidsgevoel dat me dreef. Ik heb beslist om haar te doden als ik binnenkwam. Ik spoot de insuline in en wist wat er ging gebeuren.'

Op de vraag of hij besefte wat hij aan het doen was, gaf Dobbelaere twee maal na een lange aarzeling een bevestigend antwoord. 'Ik was in een andere staat. De persoon die ik nu ben is iemand volledig anders. Ik besef ik dat ik niet mag beslissen over leven en dood. Ik heb heel veel spijt.'

Vier moorden

De feiten vonden plaats in 2007 in het Gentse rusthuis aan de Bagattenstraat. Dobbelaere wordt beschuldigd van de moord op Yvonne Van Cauwenberghe (85) op 24 augustus, Albrecht Landuyt (88) op 25 augustus, Palmyre Antheunis (86) op 31 augustus en Germaine Haeghens (93) op 12 september. Hij diende de bewoners een dodelijke dosis insuline toe. Een vijfde slachtoffer, de toen 82-jarige Fernande Meillander, raakte op 12 december in een coma door de toegediende dosis insuline, maar ze overleefde de aanslag.

Dobbelaere hield altijd vol dat de stem van zijn overleden moeder hem de opdracht gaf om te doden, maar trok die verklaring vrijdag in voor het hof van assisen. Maandag stelde de beschuldigde dat hij al tijdens zijn jeugd kampte met een manische depressie. Hij erkende dat hij besefte wat hij aan het doen was op het moment van de feiten, maar zei dat hij zich toen in een andere toestand bevond. De ondervraging van de beschuldigde startte om 9 uur en is nog altijd gaande.