Bedreigde haaien krijgen geen bescherming
Foto: afp
De CITES-landen hebben donderdag op de slotdag van hun conferentie in Doha in het emiraat Qatar een Duits voorstel ter bescherming van de haringhaai toch niet aanvaard. Eerder vingen ook de hamer-, de doorn- en de witvinhaai bot.

De haringhaai, die voorkomt in het noordelijk deel van de Atlantische Oceaan en in de koude waters van het zuidelijk halfrond, wordt gevangen voor zijn vlees en vinnen, die vooral in Azië verwerkt worden in haaienvinnensoep. Hun aantallen slinken zienderogen.

Niet enkel dierenbeschermers, maar ook de Duitse delegatie had zich vorig dinsdag nog verheugd, dat de CITES-landen, de leden van de organisatie die zich bezighoudt met de internationale handel in bedreigde dier- en plantensoorten, in een eerste stemronde vóór de bescherming van de haringhaai hadden gestemd. Maar donderdag zorgden verschillende visserijlanden ervoor dat bij de tweede stemronde de nodige tweederdemeerderheid niet meer tot stand kwam. Dat betekent dat voor de handel in haringhaaien ook in de toekomst geen exportvergunningen nodig zijn.

'Achter die beslissing gaan vooral Singapore, China en Japan schuil', zei Volker Homes van de natuurbehoudsorganisatie WWF. Hij sprak van een 'nederlaag voor de dierenbescherming'.

Een tweede Duits voorstel ter bescherming van de doornhaai werd eerder al afgewezen. De doornhaai is sinds de jaren '70 zwaar overbevist, waardoor de populatie is gedecimeerd. Hij staat op de rode lijst van bedreigde diersoorten.

Ook voorstellen van de Verenigde Staten voor een controle op handel met hamerhaaien en witvinhaaien wezen de CITES-landen van de hand. Eerder grepen de blauwvintonijn, koraalsoorten en de ijsbeer al naast bescherming.