Bij de presidentsverkiezing in Sri Lanka is de kiesopkomst in het vroegere burgeroorlogsgebied in het noorden van het eiland eerder mager. De meer dan 11.000 kiesbureaus over heel het land openden om 7.00 uur lokale tijd (2.30 uur Belgische tijd) de deuren. Ruim 70.000 politieagenten en 20.000 kieswaarnemers zijn ingezet.

Volgens medewerkers uit de overwegend door de Tamilminderheid bewoonde regio gaf tot nog toe slechts 19 procent van de kiesgerechtigden zijn stem. In andere landsdelen schommelt de deelname rond de 35 procent. Volgens mediaberichten waren op het noordelijk schiereiland Jaffna in de vroege ochtenduren vijf luide explosies te horen. De politie bevestigde de ontploffingen, maar gaf verder geen commentaar.

De kiesbureaus sluiten om 16.00 uur lokale tijd (11.30 uur Belgische tijd). Een resultaat wordt woensdag verwacht. Waarnemers verwachten een nek-aan-nekrace tussen de huidige staatsleider Mahinda Rajapakse en de vroegere militaire bevelhebber Sarath Fonseka, die kandidaat is voor een oppositiecoalitie. Beiden pretenderen in hun campagne de burgeroorlog tegen de Bevrijdingstijders van Tamil Eelam (LTTE) te hebben gewonnen.

De LTTE heeft decennialang het noorden en oosten van Sri Lanka gedomineerd.
De zege tegen de LTTE in mei vorig jaar heeft president Rajapakse een populariteitsboost bij de Singalese meerderheid van de bevolking bezorgd. Daarop kondigde diens regeringspartij United People’s Freedom Alliance (UPFA) in oktober aan, de oorspronkelijk voor eind 2011 geplande verkiezingen te vervroegen. Niet veel later maakte ook Fonseka zijn kandidatuur bekend. Hij had de strijdkrachten in de laatste maanden van de burgeroorlog militair geleid.