België is in Straatsburg door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) veroordeeld voor een buitensporig trage procedure. Een procedure tegen ons land, die in 1982 werd opgestart door een architect, is nog steeds niet afgelopen.
De Belgische staat wordt regelmatig door Straatsburg veroordeeld wegens de schending van het recht op een rechtvaardig proces binnen een redelijke termijn. Ons land moet 22.000 euro morele schadevergoeding betalen aan de eiser, een Brusselse architect.

De man, die nu 79 jaar is, had twee contracten afgesloten voor de bouw van twee torens in de Brusselse Noordwijk. Hij deed dat op vraag van een Engelse maatschappij die de operatie was gestart, met de belofte van het ministerie van Economische Zaken dat het de gebouwen zou huren. De handtekeningen van de minister bleken echter vals te zijn.

Er werd een gerechtelijk onderzoek geopend dat werd afgesloten na het overlijden van de voornaamste verdachte. Intussen werd de architect echter gedagvaard door een onderneming waar hij studies had besteld.

In 1982 startte de architect een procedure tegen de Belgische staat. Hij vroeg een schadevergoeding voor de geleden schade als gevolg van de houding van de staat, die hem ertoe gebracht had zich als architect aan te bieden.

In 1988 verklaarde de rechtbank van eerste aanleg van Brussel dat de zaak verjaard was. De architect ging in beroep. Het hof van beroep stelde in 2002 dat de zaak niet verjaard was, om twee jaar later, in 2004, te beweren dat de klacht niet gegrond was. De procedure is nog hangende bij het hof van beroep van Bergen.

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft de Belgische staat nu veroordeeld tot het betalen van 22.000 euro aan de klager voor de geleden morele schade. België draait ook op voor 2.000 euro aan procedurekosten.