Filipijnen roepen noodtoestand uit na massamoord
Foto: reuters
De Filipijnse regering heeft dinsdag de noodtoestand afgekondigd en extra veiligheidstroepen gestuurd naar de zuidelijke provincie waar maandag bij verkiezingsgeweld minstens 46 mensen zijn omgebracht.

Presidente Gloria Macapagal Arroyo riep de noodtoestand uit in de provincie Maguindanao, 930 kilometer ten zuiden van Manila. Ze wil zo voorkomen dat de vijandigheden tussen twee rivaliserende politieke clans escaleren na de gruwelijke moorden van maandag.

De noodtoestand geldt ook in de naburige provincie Sultan Kudarat en in Cotabato City. 'We zullen alle moeite doen om te zorgen voor gerechtigheid voor de slachtoffers en de daders voor het gerecht te brengen', zei Arroyo. Het leger en de politie stuurden honderden extra troepen naar Maguindanao.

Ongeveer honderd gewapende mannen hadden maandag een groep van zowat vijftig mensen, onder wie politici, mensenrechtenadvocaten en lokale journalisten, ontvoerd. De slachtoffers behoorden tot de verkiezingskaravaan van een kandidaat voor de gouverneursverkiezingen van volgend jaar. De daders zouden aanhangers zijn van een rivaliserende kandidaat. Nadat soldaten maandag al 24 lichamen hadden aangetroffen, werden dinsdag nog eens 22 lijken gevonden in een massagraf, zei de politie. Er zouden 20 journalisten zijn bij de slachtoffers.

Verkiezingen in de Filipijnen zijn vaak door geweld omgeven, vooral in het zuiden, waar legio gewapende groepen zijn, van moslimrebellen tot privélegers van politieke machthebbers. De vorige verkiezingen in 2007 werden als vreedzaam beschouwd, hoewel er 130 doden vielen.