Het dagboek van Frank De Winne - 15 juli 2009
Foto: rtr

Astronaut Frank De Winne laat ons meekijken in het dagboek dat hij vanuit de ruimte bijhoudt.

 

Ik ben nu ongeveer anderhalve maand in de ruimte en ben goed aangepast aan de gewichtloosheid aan boord van het internationaal ruimtestation ISS.
 
Momenteel bevinden we ons hier met zes ruimtevaarders van ISS-expeditie 20: onze Russische commandant Gennadi Padalka, Michael Barratt uit de Verenigde Staten, Koichi Wakata uit Japan, Roman Romanenko uit Rusland, Robert Thirsk uit Canada en mezelf.
Een bont internationaal gezelschap dus, dat alle partners bij het ISS-programma vertegenwoordigt. Het is voor het eerst dat de vaste bemanning van het ISS uit zes leden bestaat. 
 
Romanenko en Thirsk waren mijn metgezellen aan boord van het ruimteschip Sojoez TMA-15, dat op 27 mei vanaf de kosmodroom Bajkonoer in Kazachstan werd gelanceerd en dat twee dagen later bij het ISS arriveerde. Hier werd ik ook in 2002 gelanceerd voor mijn eerste ruimtevlucht OdISSea naar het ISS.

Afgelopen week werkte ik aan zogenaamde offgassing van het Internal Thermal Control System (ITCS). Thermische controlesystemen zorgen voor een comfortabele werkomgeving van 22 à 23 graden in het station en verhinderen oververhitting van apparatuur.

Ze werken op basis van water, maar naar verloop van tijd vormen er zich in het water gasbelletjes die af en toe verwijderd moeten worden.

Ik heb ook aan 'vrijwillige' wetenschap (voluntary science) gedaan. Het gaat om werk dat we min of meer kunnen kiezen, maar dat niet van vitaal belang is. Ik heb in het bijzonder het Bernoulli-effect gedemonstreerd.

De Nederlands-Zwitserse wetenschapper Daniel Bernoulli (1700-1782) stelde vast dat een toename in de snelheid van een vloeistof of gas gepaard gaat met een verlaging van de druk in die vloeistof of gas. Het Bernoulli-effect zorgt onder meer voor 'lift' bij een vliegtuig. Als piloot interesseert het me bijzonder om het effect te kunnen demonstreren in gewichtloosheid.
 
Verder heb ik proefstalen genomen van al de watervoorziening hier in het ISS. Niet alleen op de aarde, maar ook voor ons in de ruimte is water heel belangrijk en dat legt meteen een link naar de waterkwaliteit en de toegang tot water op onze planeet.

Als goodwill ambassador van UNICEF Belgium ben ik hiermee bijzonder begaan en aanvaarde ik het peterschap van de WaSH-campagne (Water, Sanitation and Hygiene). Die moet de aandacht vestigen op de problematiek van de toegang tot drinkbaar water, sanitaire voorzieningen en hygiëne.

Ook de naam van mijn ruimtemissie, OasISS, verwijst naar het belang van water voor het leven op onze planeet. Elke dag sterven 5000 kinderen, omdat ze geen toegang hebben tot water of omdat ze onder slechte hygiënische omstandigheden moeten leven. Alle proefstalen hier waren in orde en dus kunnen we met een gerust hart verder ons drinkwater gebruiken.